about
Toon menu

Directeuren Vaticaanbank bieden ontslag aan

dinsdag 2 juli 2013
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.
  • 800px Regeringspaleis Vaticaantuinen

Vaticaan / Heilige Stoel  1. Juli 2013 - IOR- Manager Paolo Cipriani en adjunct-directeur Dr. Massimo Tulli hebben hun ontslag aangeboden van hun huidige posities. 

Na vele jaren van dienst hebben beiden besloten dat deze beslissing in het beste belang is van het Instituut en van de Heilige Stoel. De Raad van Toezicht en de Commissie van Kardinalen hebben het ontslag aanvaard en president Ernst von Freyberg gevraagd om de functies van  algemeen directeur-generaal ad interim met onmiddellijke ingang op zich te nemen.

 Ernst von Freyberg zal worden bijgestaan door Rolando Marranci als adjunct-directeur en Antonio Montaresi in de nieuw gecreëerde functie van waarnemend Chief Risk Officer om toezicht te houden op naleving en speciale projecten. Rolando Marranci was voorheen Chief Operating Officer bij een toonaangevende Italiaanse bank in Londen. Antonio Montaresi was Chief Risk Officer en Chief Compliance Officer bij diverse banken in de VS.
 

"In naam van de Raad van Toezicht dank ik de heren Cipriani en Tulli voor hun persoonlijke inzet over de afgelopen jaren, " zei voorzitter Ernst von Freyberg. "Ik heet Antonio Rolando en Marranci Montaresi welkom als uitstekende professionals, sinds 2010 hebben de IOR en haar management hard gewerkt om processen en structuren in overeenstemming  te brengen met de internationale normen en anti-witwas-wetgeving.” 

“Terwijl we dankbaar zijn voor je wat bereikt is, is vandaag de dag gekomen dat we nieuw leiderschap nodig hebben om het tempo van dit transformatie-proces te verhogen. Onze vooruitgang is in niet geringe mate te danken aan de voortdurende steun van de Raad van Beheer voor het Instituut en zijn personeel."
 

De Raad van Toezicht heeft ook een selectieproces geïnitieerd met als doel de benoeming van een nieuwe directeur-generaal en adjunct-directeur in de nabije toekomst.


Elizabeth McCaul, leidingevend partner van het kantoor in New York van Promontory Europa en Raffaele Cosimo, Chief Operating Officer van Promontory Europa werden afgelopen mei gemandateerd door de voorzitter van de Raad van Toezicht ter versterking van het programma van het Instituut tegen het witwassen van geld. De heer von Freyberg heeft Elizabeth McCaul en Raffaele Cosimo gevraagd om te dienen als Senior Adviseurs om het management te ondersteunen. 

Mv. McCaul diende als hoofdinspecteur van banken in New York en wordt beschouwd als een leider in kringen betrokkem bij regelgeving voor banken. Dhr. Cosimo is een expert in het bestuur en operaties van banken.

Over de IOR


Het "Istituto per le opere di Religione" (IOR) is een instituut, opgericht in 1942 door pauselijke decreet. Doel van de IOR is om de Heilige Stoel en de katholieke kerk over de hele wereld te dienen, zoals omschreven in de statuten. De IOR bewaard en bewaakt de activa van een gedefinieerde groep van rechtspersonen en natuurlijke  personen die een verbinding hebben met de katholieke kerk of  met het Vaticaan, zoals bepaald door Canonieke wetgeving. Een Commissie van de Kardinalen, een prelaat, en een Raad van Toezicht vormen de regerings-struktuur van de IOR, die 114 medewerkers heeft en uitsluitend werkzaam is op het soevereine grondgebied van Vaticaanstad.

Omdat het IOR in principe een privébank is hoeft de instelling eigenlijk aan niemand verantwoording af te leggen, zelfs niet aan de Romeinse Curie. Dit heeft in de loop der tijd tot verschillende grote schandalen geleid. Zo stelde de Vaticaanbank in 1968 de Italiaanse bankier Michele Sidona aan als financieel adviseur, ondanks zijn uiterst dubieuze verleden. Sidona – een goede vriend van Paus Paulus VI – maakte vervolgens van deze gelegenheid gebruik om op grote schaal drugsgeld wit te wassen namens de Gambino, één van de ‘Vijf Families’ van New York.

In 1971 kwam de Vaticaanbank vervolgens onder leiding te staan aartsbisschop Paul Marcinkus. Hij was een goede vriend van Roberto Calvi, manager van de Italiaanse bank Banco Ambrosiano. De twee begonnen een nauwe samenwerking en de Vaticaanbank werd een groot aandeelhouder van Banco Ambrosiano. Calvi kwam zelfs bekend te staan als de ‘Bankier van God’ vanwege zijn goede relaties met de Heilige Stoel.

In 1982 kwam echter naar buiten dat hij ook op grote schaal was betrokken bij fraude en witwasserij en dat er maar liefst 1.2 miljard dollar ontbrak op de balans van Banco Ambrosiano. Marcinkus werd in het latere onderzoek ook sterk verdacht van betrokkenheid bij het faillissement van die bank, maar vanwege zijn diplomatieke immuniteit kon hij uiteindelijk niet vervolgd worden.

In 2011 bleek dat de bank het grootste verlies had geleden in haar geschiedenis, en uiteindelijk heeft Paus Fransiscus besloten dat er meer openhied moet zijn en dat er een onderzoek gaat komen. Ziehier de aanleiding voor het ontslag van beide heren.

Bronnen: Persbureau van de Heilige Stoel, Isgeschiedenis,  (foto)Creative Commons Attribution Stefan Bauer.