about
Toon menu

Het geheim van God

dinsdag 2 maart 2010
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

God had net aan Einstein de allesomvattende formule getoond waarin Hij het leven openbaarde. En natuurlijk had Einstein al snel een fout ontdekt in de berekening.

Meer zelfs: God wist wel dat er een foutje in zat. Maar begreep Hij –als schepper- ook de gevolgen van deze aberratie?

Einstein verduidelijkte zijn gedachtengang.
‘Adam en Eva hadden twee zonen. Abel en Kaïn.’
‘Weet ik’, zei God. ‘Abel sloeg Kaïns hoofd in.’
‘Nee’, verbeterde Einstein. ‘Het was net andersom.’
God gromde. ‘Kunnen ze nu nooit eens doen waarvoor ze voorbestemd zijn. Maar ga verder Einstein…’
‘Wel, het hele scheppingsverhaal, aan de hand van Adam en Eva, loopt dood.’

God glimlachte minzaam.
‘Want toen Darwin op het toneel verscheen… U kent Darwin?’
‘Ja, die zit hier ook ergens te antichambreren’, mompelde God.
‘Toen Darwin dus zijn reis met de Beagle maakte, besefte hij dat er zoiets bestaat als evolutie.’
God knikte. ‘Mensen die mekaar de kop inslaan evolueren ook. Ze krijgen achteraf spijt. Maar dat begrijp jij ook, hé Einstein.’

Einstein stokte even, maar ging dan verder. ‘Volgens Darwin is er een gemeenschappelijke voorvader tussen aap en mens.’
God zweeg.

‘Dat wil zeggen dat wij, mensen, denken dat er ooit een diersoort bestond, waarvan zowel de apen afstamden, als de mensen. Nadien zijn wij, mensen, allesoverheersend geworden. Heu… misschien is dat de fout waar u op doelt?’
‘Dat was een nonchalance’, zei God. ‘Maar keer even terug naar je opmerking…’
‘Wel, hoe kan je nu Uw verhaal over Adam en Eva en Abel laten rijmen met Darwin zijn verhaal?’
‘Einstein, je ontgoochelt me.’
‘Vergeef me God, maar ik ben maar een mens.’
Tegenover zoveel bescheidenheid kon een a-narcist als God niet tegenop.
‘Luister, omdat je nu toch niet meer terug kan naar die mensenwereld, wil ik je wel verklappen wat de fout is die er in mijn berekening steekt. En meteen weet je het antwoord op je vraag.’
Einstein trilde van spanning.
God zuchtte.

‘Kaïn doolde jaren eenzaam door het woud. Tot hij een wezen zag dat ook rechtop liep. In plaats van te vluchten, betastten ze mekaar. En hadden ze seks.’
Einstein knipperde met zijn oogleden.
‘Uit die copulatie werd de gezamenlijke voorvader van mens en aap geboren. En dat was niet de bedoeling.’
Einstein knikte. Zijn hersentjes draaiden op volle toeren. ‘I see. Dus dat is de fout. Maar heu… wie of wat was dan dat wezen?’
God klakte met zijn tong.
‘Mijn vrouw.’