about
Toon menu

N-VA en ideoloog Pohlmann: het verhaal hoe wij samen die mensen van een paar demonen hebben bevrijd

woensdag 5 december 2018
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Bijgewerkt (Besluit, "Op weg naar een meer redelijke, milde N-VA?") op 7 december.

 

Op 5 december is de regering ei zo na gevallen over het felle verzet van de N-VA (ik moet ze naar waarheid Nieuwe Vervreemding Alliantie gaan noemen) tegen het internationale Marrakech verdrag dat tracht de migratiegolven van onze tijd in banen te leiden. De Standaard kopt in zijn standpunt “Handpop keert de rollen om”, daarmee doelend op de flukste manier waarop premier Charles Michel de felle aanval van de laatste weken na een paroxisme “als met een volleerde judo greep” heeft omgezet in eigen winst. (In Knack en Het Laatste Nieuws doet de huiscartoonist vaak op pagina twee een triootje waarbij de premier soms als de handpop van de voorzitter van de N-VA wordt voorgesteld). De woorden die Charles Michel gebruikt om de woord-en beeld-campagne op sociale media te beschrijven waarmee N-VA met goedkeuring van woordvoerder Joachim Pohlmann uitpakte om het Marrakech verdrag zwart te maken zijn niet min: “Onaanvaardaar, schandalig en onwaardig”. Deze zeer visuele campagne ging tot verbijstering van alle commentatoren van start terwijl de parlementaire hoorzitting met zeven experten over het betreffende verdrag nog in volle zitting was. De campagne wekte zoveel verbijstering en woede, (‘zelfs vice premier Jan Jambon kreeg het schaamrood op de wangen’), dat ze na amper een vol uur al werd ingetrokken. Pohlmann zou zich in de nasleep trachten verantwoorden met de uitspraak “We wilden op een simpele en laagdrempelige wijze onze bezwaren uitleggen”.

Deze uitschuiver van formaat vanwege de Woordvoerder van een partij die als meest geliefde brandstof voor haar motor de angst, de onderlinge afkeer en de haat van mensen leek te kiezen, zat er aan te komen voor wie Pohlmann de laatste vier weken  had gevolgd. In zekere zin deed ik in mijn korte blog van 14 november de-boze-middenstand-en-haar-pohlmann een voorafname op deze zware inzinking van de ‘gematigde haatpartij’ die de N-VA vaak wel bewust lijkt te willen zijn. Ik eindigde de tekst met deze gedachte: “... doordat het kwade in de limiet maatschappij- en zichzelf vernietigend is, zie ik het succes van ‘de man die blijft winnen’ spoedig en grondig teloor gaan. In het Vlaams: eerlijk duurt het langst. In de taal van Bob Dylan: ‘You can’t fool all the people all of the time’.” Ik sprak van de plaats grijpende mega manipulatie van de openbare opinie die zij organiseert.


In de partijideoloog/woordvoerder herken ik overigens heel wat van mezelf.  Tegelijk doet hij diametraal verschillende dingen. Eerst een gelijkenis: zoals Marjan Justaert schrijft in De Standaard onder de kop “Joachim Pohlmann. Bewaker van de falanx, begraver van de regering”: “Vlaanderen heeft volgens de rechts-conservatieve Pohlmann een mentale omwenteling nodig.” “Die moet er komen via een Gramsicaanse guerilla. “Wie de macht wil, moet eerst zijn ideeën opleggen”, aldus de Italiaanse communist. Pohlmann is daar dag in dag uit mee bezig.” Die laatste zin mag ook op mijn eigen project slaan. Sinds 1989 schrijf ik opinieartikels voor kranten als De Standaard, De Morgen en Knack. Sinds zes jaar voedt ik onze gemeenschap met zo wijs mogelijke inzichten en ideeën via de blog bij dewereldmorgen.be.

 

Wat ik zelf abject vindt, en nooit zelf zou overwegen, is de ultieme fantasie die Pohlmann ooit onthulde, en die Justaert bij deze gelegenheid meegeeft: “Een gedachte experiment, het plan Pohlmann: “Zou hij de meest amorele principes verkocht krijgen?”. Hij zei erbij zijn plan nooit te willen uitvoeren, het zou “een ware dystopie zijn”...

De man is zeer intelligent en zeer belezen. Dat merkte ik meteen zelf toen ik vijf weken geleden voor het eerst twee columns van hem las. Daarop wijdde ik twee zeer kritische stukjes aan zijn “project”. Omdat ik niet kon leven met overmatig zelfzekere,  zeer beschuldigende toon naar intellectuelen en mensen die verbroedering tussen culturen voorstaan. Dat discours had mij als een klap in het gezicht getroffen. Sinds een paar maanden lees ik geregeld De Morgen. Die krant had ik sinds een jaar of twintig links laten liggen. Het verbaasde mij te merken dat de krant, die ik nog had weten een doorstart maken met behulp van een crowd funding onder de linkse hoofdredacteur Paul Goossens in de jaren tachtig, vandaag een stevig palet zeer rechtse, onverdraagzame auteurs aan het woord laat, en dat op regelmatige en bezoldigde wijze.


De passionele toewijding van de partij ideoloog van de N-VA heeft natuurlijk een jongensachtige, sympathieke kant, maar het gebrek aan moreel gehalte vraagt om aangeklaagd te worden. De obsessionele inzet van Pohlmann kan doen glimlachen, het is een vorm van idealisme zoals je dat niet zo veel meer aantreft. Maar zo een obsessie met het veranderen van de wereld in een welbepaalde richting, dat mag je niet onderschatten, wat dat met een mens doet wat hoogspanning betreft. Ik kan me niet van de indruk ontdoen dat de man de laatste weken in een soort razernij is gegaan, die bijna voorspelbaar zou uitdraaien, als in een scene in een Romeinenfilm, met de held die aan hoge snelheid rijdt in zijn strijdwagen met paarden, en die tenslotte een bocht mist, en een val in het ravijn maakt. Ik kan daar uiteraard, vanuit hoger geciteerd gedachtegoed en idealen, enkel maar tevreden over zijn. Hoewel ik tegelijk besef dat mijn kritische dialoog van de laatste weken met de denker en activist, hem misschien mede tot een staat van oververhitting in de bovenkamer heeft gebracht, die hem gisteren de bekende spectaculaire vergissing deed begaan.

 

Joachim Pohlman heeft mij een waarderende mail gestuurd toen hij het meest striemend kritische stuk van het duo nog niet had gelezen, en heeft zijn column  van 23 november “Woede in gele hesjes” gedeeltelijk gewijd aan het trachten ontzenuwen van mijn kritische bemerkingen en beschuldigende analyses. Ik kan mij voorstellen hoe de stresshormonen de man door het brein gingen gieren, ook juist als ik naga hoe ik zelf na drie weken over en weer schrijven en lezen, wijselijk wat afstand had genomen van het intellectuele duel. Ik wijdde mij als ontspanning aan het schrijven van een paar radicale kritieken op het antropocentrische karakter van het christendom,  aan de lectuur van de lotgevallen van een van de meest kleurrijke en obsessionele helden uit de wereldliteratuur, Achab kapitein van de Pequod; aan gebed en meditatie, en aan ontmoetingen met grote vrienden, waaronder de Minister van Staat die ik heb geciteerd in het eerste stukje contra Pohlman. De column van vorige vrijdag van die laatste heb ik zelfs niet gelezen. In de krant vandaag hoor ik dat de toon weer zeer bits en negatief was.


Mijn hoop is dat deze tijdige nederlaag en schande de betreffende partij wat nieuwe maturiteit mag bezorgen. Zoals een commentator opmerkt: als grootste partij van het land behoort ze tot het establishment, echter gebruikt zij tactieken die haar oorsprong als underdog verraden. Het wordt tijd dat figuren die de partij leiding geven, de waarde leren kennen van een voorspelbare, betrouwbare houding. De regering van ons land is geen poppenkast. En geen Gestalt Therapie Theater om oude complexen en obsessies uit te leven.


Als de stress van de druk op rechts van het VB, geleid door de man die in de wandelgangen spottend “de kindsoldaat” wordt genoemd, Pohlman en Co nog eens te veel wordt, wil ik ze wel uitleg geven  hoe ik, gewapend met het vuurwapen op jacht op dieren twee keer zo groot en zwaar als mezelf, de koelbloedigheid bewaarde.  Misschien zijn de woudloperstruukjes niet meteen transfereerbaar naar de politieke arena, maar het ontspannend effect van een goed verhaal lijkt me nooit weg.

 

 

Besluit

Op weg naar een meer redelijke, milde N-VA?

Op 6 december heeft de partij in kwestie moeten toegeven dat zij fouten heeft gemaakt. Het Laatste Nieuws kopt over de fractievoorzitter, Peter De Roover: "Je kan jezelf moeilijk harder tegenkomen".

Ik zie hier gebeuren waartoe ik Pohlmann had uitgenodigd (in de blog /welke-demonen-spelen-politici-als-pohlmann-nog-parten-de-werkelijkheid-is-complexer-dan-in-jeugdherinneringen. Ik had de man op het hart gedrukt: "[Ik merk dat er straffe demonen in je hoofd spelen, obsessionele overtuigingen]: ga vooral door die uit te spreken. Zo kan je van de ergste bevrijd worden, als anderen je weerwoord bieden".

 

Wie voortdurend harde taal spreekt en oordelen uitspreekt over anderen, die roept op bepaald moment heldere, scherpe kritiek op de eigen positie uit. Veel mensen letten daar voor op, houden daar niet van. Daarom bidden christenen wereldwijd in het Onze Vader, "Laat ons niet oordelen, dan zullen wij zelf niet geoordeeld worden". In andere woorden: "Vergeef ons onze zonden zoals wij anderen hun zonden niet aanrekenen".

 

Maar wie echt een voortrekkersrol wil spelen in de gemeenschap, zoals Joachim Pohlmann en Bart De Wever en hun partij, die kan er baat bij hebben die andere weg te gaan: kritiek geven op anderen, en als een boemerang kritiek krijgen. Dat laatste heeft het onschatbare voordeel dat je jezelf beter leert kennen. En Socrates wist het al: "Zelfkennis is het begin van alle Wijsheid".