about
Toon menu

Waarom rennen wij hier nooit op straat? (En over Bushcraft dat boomt.)

maandag 8 oktober 2018
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.
  • Een herinnering aan een mooie zomer vakantiedag. Toen zijn we wel eens aan het rennen gegaan, zelfs met de rugzak op, om een ferry of een bus te halen...

Wijsheid over de mentaliteit van Vlamingen zoals zij valt te ontdekken door vergelijking met de Japanse stedelijke cultuur

We gaan, beste lezer, nog eens voor een eenvoudig stukje, ik zal een poging ondernemen daartoe, dat is beloofd. Net stapte ik met Fellow onze berg af, toen er op het voetpad dat zich langs de heuvel slingert, net nadat wij de trap waren af waren gedaald, in de rechter ooghoek een rennende man zichtbaar werd. Op die plek maak je dat zelden mee, en mijn onderbewuste had meteen gespot dat de man niet in jogging pak was. Tot mijn eigen verbazing merkte ik een angstgolfje in mijn hart. Toen we verder stapten, daalde ik even af in mijn schat aan ervaringen en boodschappen, en ik vond een verklaring voor die angst die ik ongetwijfeld deel met veel inheemse mensen, landgenoten, streekgenoten.

De man kwam intussen dichter, en zoals te verwachten viel, was er niets dreigends aan hem toen hij dichter was gekomen en ons voorbij ging. Hij was in trui en bruine broek op modieuze en mooie manier gekleed, en droeg aan zijn heup een design boekentas. Helemaal geen "voyou" of geen "wino" (Engels). Maar van waar komt die “vanzelfzwijgende” afspraak dat wij echt liever niet hebben dat wij onder elkaar in straten en op paden in de stad gaan lopen?

In mijn parate geheugen waar ik zocht naar antwoorden, dook meteen de conversatie op die ik rond het jaar 1986 voerde, toen ik voor de tweede keer een jaar Japans volgde aan de taalschool verbonden aan de Unief, het CLT. Ik leerde in die tijd een Japanse kennen die nog niet lang in het land was, en die hier kwam studeren of werken, en dus voor langere tijd bleef. Bij de “briefing” hadden landgenoten haar op het hart gedrukt:

“This is Belgium. Never run!!

Even if your Granny just died: never run!”


Wel zo grappig en vreemd, als je er bij stil staat, toch?

Wat is het dat in ons Vlaamse onderbewuste maakt dat wij zeer angstig reageren, op een diep niveau, ook al is het maar voor heel efkes, als wij een mens, een medeburger zien rennen in het straatbeeld, en daarom daar een soort sociale rem, een sociaal taboe over hebben geïnstalleerd?

Mijn guess: het stamt minstens van een tijd voor mijn geboorte (1962), want ik heb dat altijd zo geweten; misschien komt dat gedrag, die norm, als een na-wee van de oorlog. Van de tijd toen er niet alleen militairen rond renden, (ik vermoed dat de Gestapo meer traag-dreigend te werk ging !), maar ook deden zich schermutselingen voor tussen De Weerstand, also known as Het Verzet en de collaborateurs. Mensen die in burger plots wel eens moesten rennen voor hun leven, al dan niet na zelf net een moordaanslag te plegen, of met smokkelwaar te zijn betrapt.


En dat laatste, smokkelen en ook ritselen, dat zit zoals bekend in de Vlaamse (en Waalse?) genen. Dat komt allicht omdat wij lange tijd door grote, machtige naties zijn overheersd, en we eeuwenlang te lijden hadden onder bezettingstroepen. Garnizoenen waarmee anderzijds ook wel een stuiver te verdienen viel.


Zelf moet ik bekennen dat ik soms voluit ga als mijn levenslust mij er op een keer toe aanzet een eindje te lopen, te rennen. Bij de reisroman schrijver Bill Bryson vond ik dat terug: hij beschrijft ergens dat hij toen hij in de veertig was, soms tijdens een wandeling in een stad in draf overging, en dat hij dan met geen kracht ter wereld meer te houden was, en een heel tijdje bleef genieten van die in wezen kinderlijk prettige modus.

Lopen versus stappen. Niet iedereen kiest voor deelname aan een atletiek club. Soms, in de woorden van Barack Obama over de modus van de politicus, “moet je tevreden zijn met de boterham met ham, als je niet het hele zwijn te pakken krijgt”.

En als ik nog even reflecteer op die laatste noot, besef ik dat ik hier bij stil sta, nadat ik drie dagen en twee nachten in het Meerdaalwoud heb gewoond. In tenten en rond open houtvuren, waarboven wij met  honderden gelijkgestemden ons potje kookten. Een ideale omgeving bleek dat om tot heerlijke ont-moeting en goede gesprekken te komen. Je zou wensen dat het leven heel het jaar lang een Bushcraft gebeuren mocht zijn.

SHS


Meer info over Bushcraft vindt je via Facebook.

https://www.facebook.com/groups/Bushcraft.Belgium/?multi_permalinks=2373119032704500&notif_id=1539012578762479&notif_t=group_activity


En in De Tijd van het weekend 7-8 oktober vind je een coverartikel van twee volle pagina's, met een reporter die op inleefdag ging met  Mike De Roover die zondag het eerste handboek over Bushcraft publiceerde en met Pieter Blondé, de peetvader van de beweging die via Natuurpunt voor de weekend ervaringen verantwoordelijk is.