about
Toon menu

De gevechtspiloot als onmisbare ziel van de machine. Neem nu de C119

dinsdag 5 december 2017
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.
  • C119 "Flying Boxcar". Belgian Air Force.

Een klein land manoeuvreert vaak op minder logge manier dan de groten. Vandaag neemt ons land het morele voortouw met de oproep van honderd zestien wetenschappers in A.I. en robotica tot een (inter)nationaal verbod op killer robots. Ik legde net al de link met de charme van de C119, een van de mooiste toestellen van onze Luchtmacht, die met 'een portret' terecht de afgelopen week een golfje van nostalgie (240 + reacties) teweegbracht bij de betreffende groep op Facebook. (991 woorden)

 

Onlangs postte een lid van de groep “History Belgian Air Force” op Facebook een foto van het tuig, met de simpele vraag “Hebben jullie deze nog zien vliegen?” In minder dan een week zijn er meer dan 240 reacties gekomen.


Vele (gewezen) piloten pinken een onzichtbare maar hoorbare mannelijke traan weg met statements als:

"Heb ik nog mee gevlogen..."

Of zij gaan tevreden over het feit dat zij nog goed en wel in leven zijn:

"Heb ik graag mee gevlogen. Een wendbaar toestel...

Wat gaat de tijd snel voorbij..."

 

Technici hebben het hart ook laten raken door de mooie machine met de zilveren huid, die 'leefde' boven ons landschap en onderhoud kreeg van hun handen. Zij schrijven herinneringen uit, zonder veel woorden.

 

"Heb ik nog aan gewerkt. Soms sloeg de vlam uit de uitlaat..."

"Een zeer lawaaierige motor, maar een betrouwbaar toestel"

- "Er staat tegenwoordig een model in het Luchtvaartmuseum in de Hoofdstad."
- "En in het museum van Florennes".

- "Is daar een museum, bij de basis van Florennes?"

- "Ja zenne; klein maar mooi."

 

Zoals mijn intellectuele partner die een column verzorgt voor Het Laatste Nieuws onlangs schreef,

“Het detail geeft de synthese, veel beter dan de synthese”

 

Jazeker, wonderlijk is dat. En Rik schrijft verder nog deze bedenking:

“Kennis is macht, zegt men. Kennis is ook Schoonheid"

 

Daar moeten wij het ook mee eens zijn. Lees er mijn column van vorige vrijdag maar op na, over de bloedmooie Chinese meisjes. Of deze over kogelkalibers, geschreven bij het begin van het jachtseizoen, naar aanleiding van politiemensen die het tegen Kalashnikovs moeten opnemen met veel lichtere wapens. Wie een bepaalde wereld tot in het kleinste detail kent en overdacht heeft, die geniet werkelijk meer. Die kent voortdurend ervaringen van Voldoening. Het schijnt trouwens dat deze ervaring van "de voldoening" een zeldzaamheid aan het worden is, voor de tijdgenoten. Vanuit het besef van deze bedreigde waarden, merk ik vandaag graag even op hoe mooi de Flying Boxcar wel is geweest. En hoe mooi tevens onze nostalgie die zich rond dat merkwaardige militaire vliegtuig heeft geweven. Onze, wij? Ja.


C119

Er bleek in deze tijden van post aanslagen, bij de leden van de groep over Belgische Militaire Geschiedenis een geval speciaal tot de verbeelding te spreken, de herinnering aan een C 119 van onze troepen die ergens in Congo in 1963 te pletter was gevlogen tegen rotsen. Meer dan tien doden te betreuren, maar mét enkele overlevenden...

Zelf schreef ik bijgaande herinnering en bedenking.

"Heb je deze nog zien vliegen?" - Ik wel. Man, man, man. In de jaren zeventig en tachtig... Ik vernam in de laatste jaren dat ik het af en toe nog kon horen overvliegen, dat de meeste toestellen toen al zowat 'old timers' waren. Dat besef vergrootte het ontzag, het respect. Ik behoud aan die vliegmachines de beste herinneringen: ze vlogen vaak in de avond, en betekenden, symboliseerden de aangename, rustige, tevreden, lichtjes avontuurlijke sfeer van de avond voor de jongen die ik was. Met hun trage, sonore geluid, dat met elke meter veranderde, terwijl ze van horizon tot horizon over Heverlee (Leuven) vlogen, in overeenstemming met het Doppler - Fizeau effect. De toon wordt daarbij aanvankelijk hoger en hoger, en dan ineens lager nadat het toestel jou als observator is gepasseerd. Heerlijk. Ook juist die voorspelbaarheid. Van avond tot avond, van dag naar nacht. En intussen, dichter bij ons hart: telkens wat verder van jongen naar man."


En als Gislain N de volgende herinnering neerschrijft, heb ik daar ook de mijne aan toegevoegd:

"Ik herinner me dat ik op strand zat als kind en ze laag over de zee zag vliegen (eerste helft jaren '60).”

Stefaan C. Hublou-Solfrian

Stefaan C. Hublou-Solfrian Herkenbare ervaring. Ik ben geboren in '62. Toen ik op een dag met moeder en vader aan het strand van Vlaanderen zat, zag ik de eerste parachutisten in mijn leven. Ik interpreteerde ze als vallende "paddenstoeltjes". De valschermen waren nog van het ronde, bruine type met 'een ster aan rimpels' zoals zij in de laatste wereldoorlog in gebruik waren geweest. Het twee-, driejarig kind dat ik was sprong meteen op om er een paar "te grijpen". Als een jong dier was ik uiterst verbaasd dat dit niet lukte. Ik wist even totaal niet meer waar ik het had. Gelukkig kon moeder een en ander uitleggen; na een paar minuten daagde het dat mijn zintuigen, mijn ogen mij hadden misleid. Dat het geen kleine voorwerpen in handbereik betrof, maar hele grote, op verre afstand! Dat verklaren aan kinderen was moeder gewoon na haar ervaring in de functie van gouvernante in diverse Europese landen. Niet alleen in dat uur had ik het met haar wel getroffen. Misschien heb ik aan die meevaller wel mijn huidige speciale inzicht, terugzicht, doorzicht, vooruitzicht en dieptezicht te danken..



De moraal van dit verhaal, misschien

Laten we trots zijn op grootse cultuurelementen zoals vliegtuigtypen, militaire marsen... van onze natie, van ons land, onze geschiedenis, onze oorlogsfeiten, onze heldhaftige daden in tijden van nood. Enkel mét gerechtvaardigde trots wordt het leven echt tof. Maar laat het machien niet zonder de mens opkomen... Het strijdtoneel van de geschiedenis is al meer dan onmenselijk genoeg.

 


Stef Solfrian Hublou

historicus

gewezen docent Ethiek van de Jacht verbonden aan het IJO

& in de tweeduizend eerste dagen opgevoed door een luchtmachtfotograaf



Creative Commons apply

No sharing without source mentioning

Thank you


Ter aanvulling, mijn stukje tegen killer robots dat dateert van dertig maart:

http://community.dewereldmorgen.be/blog/stefaanhublou/2017/03/30/als-je-moet-doden-doe-het-dan-op-waardige-manier-een-doordachte-neen-voor-moordende-robots
 
Meer informatie over de morele actie van de honderd plus Belgische geleerden vind je via ons knap blad Knack: 
http://datanews.knack.be/ict/nieuws/belgische-wetenschappers-roepen-op-tot-verbod-op-killer-robots/article-normal-935553.html