about
Toon menu

Verrijzenisweek: Guy Verhofstadt verwijs ik naar de hel

maandag 10 april 2017
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

De Goede week. Een van die culturele taalspelen, die het tegendeel bedoelen: in de Goede Week onderging Jezus zijn ergste verschrikkingen: martelingen vanwege de Romeinse soldateska & innerlijke verscheurdheid in de olijfgaard (met als effect spontane bloedingen dwars door de huid, iets dat intussen door de medische wetenschap geobserveerd is bij extreem wanhopige mensen). Mijn opvatting van het christelijk geloof brengt mee dat ik altijd lichtjes fanatiek wordt in de aanloop naar Pasen. Zal ik dit jaar verrijzen? Is de erkenning van mijn messiasgehalte nakend?Alle gekheid op een stokje, deze heiligste dagen door het jaar, zij geven mij zin nog eens een tandje bij te steken in de persoonlijke deelname aan de strijd van Goed tegen Kwaad. En daarbij kijk ik uit naar wie de beste kandidaat Vijand is. Want zoals Rik Torfs terecht opmerkt: een goed christen gaat op dusdanig geëngageerde manier door het leven, dat hij zich vijanden maakt. Het doel is niet om geen vijanden te hebben, de bedoeling is je vijanden lief te hebben en te respecteren. En om dat te kunnen doen, moet je ze eerst hebben en kiezen. (1450 woorden).


De meeste geschikte 'zondebok' die ik mij in onze tijden kan indenken, is Guy Verhofstadt


Hij maakte de jaren negentig en de eerste jaren van de eeuw onveilig met zijn voluntarisme. Hij was een reeds bijzonder jong succesvol liberaal politicus. Hij werd en word “het joenk” genoemd door de apassionado's van de media en de politiek. Verhofstadt schreef burgermanifesten die mij vooral tot doel leken te hebben zijn liberale partij aan te dikken. Mark Eyskens merkte terecht gebelgd op dat hij de ideeën in die teksten zelf al jaren ontwikkeld had, verdedigd en gepubliceerd. Guy kreeg een massa achter zijn politieke projecten en was een handig ploegleider van regeringen. Eerlijk is eerlijk, een bepaald deel van de sandwich die ik en u vandaag eet, is te danken aan een natie met op kruissnelheid lopende economische motor, die ook juist vorm kreeg onder die premier die de bedrijven en hun CEO's als troetelkindjes adopteerde. Dat onder zijn bewind de zelfdodingscijfers geen decimaal verminderden, neem ik hem kwalijk. Mijn grootmoeder was daar in 1947 al aan dood gegaan, aan die typisch Belgische ziekte. Op dit nationale probleem heb ik met een brief in De Standaard daadwerkelijk de aandacht getrokken. Verhofstadt was in Afrika op reis geweest, en hij kwam met de hemeltergende conclusie terug, dat ons land geen echte Problemen kende. Intussen heb ik een talent voor heilige woede, dat weet wie mij leest. Dat is een intense verontwaardiging die niet opgewekt wordt door eigenbelang, maar die zich inschakelt in de verdediging van humanitaire waarden, het algemeen belang en dat van kwetsbare, onmondige personen en groepen. Dat is de definitie volgens toonaangevende pastoraaltheologe en schijfster Lytta Basset uit Zwitserland. Ik vernam door een toeval enkele dagen na de publicatie van die brief dat de toppoliticus die bewuste dag erg boos liep. “Mijn Woord, zo laat Jesaja God zeggen, komt niet naar mij terug, voordat het heeft bewerkt dat waar ik het voor uitgezonden heb” (Jesaja 54). Verder stoort het mij dat in die decennia veel is geïnvesteerd in de economie en in bepaalde prestigeprojecten, en te weinig in armoedebestrijding. Het waren jaren van hoogconjunctuur en rijkelijke inkomsten, en toch ging de premier in het rood met de nationale rekeningen.


Overigens, de waarheid heeft haar rechten, en ze is ingewikkeld. Een paar jaar terug vernam ik het merkwaardige historische feit dat er met liberalen aan het bewind in ons land, doorheen de decennia meer geldsteun is toegekend aan de armen in al hun verschijningsvormen, dan met de christendemocraten of de socialisten aan het stuurrad van het schip van de samenleving. Dat besprak ik met een oude wijze man, en die kon er meteen mee weg: de rechtse partij wil op die manier tonen dat zij “nog zo slecht niet zijn” en voor de linkse, progressieve, partijen die zich traditioneel inspannen om de kleine luiden een beter leven te bezorgen, een levensloop minder getekend door mensonwaardige ellende, geldt dat wanneer zij aan de macht zijn, de politieke tegenstanders hen dat soort maatregelen niet gunnen, die succesjes misgunnen, en de wetgevende maatregelen stokken in de wielen steken. Geen kinderspel, de nationale politiek volgen en duiden. Materie voor mensen met gevorderde mensenkennis en kennis van zaken.


Wat mij het meest steekt, is dat Guy Verhofstadt, net voor zijn afzwaaien als eerste minister, als een boosaardige draak in een kindersprookje die nog een laatste klap uitdeelt met zijn staart net voor hij van het toneel verdwijnt of sterft, zijn invloed als premier heeft gebruikt om een maatregel door te duwen die zowel tegen de tijdsgeest, tegen de bestaande wetten, als tegen het belang van Moeder Natuur én de gezondheid van u en ik ingaan. Hij heeft nog gauw de bedrijfswagen als fenomeen bekrachtigd en een sterke wettelijke basis gegeven.


De resultaten van die boevenstreek kan je vandaag elk uur van de dag letterlijk ruiken. Als ik even mijn hoofdkwartier in Leuven verlaat, en mij terug vindt in de Ardennen, dan ruik ik dat de lucht daar verrassend veel zuiverder is, aanmerkelijk meer vrij van uitlaatgassen en fijn stof. Intussen is bekend geraakt hoeveel extra sterfgevallen van Belgen precies te wijten zijn aan dat fijn stof. Ik moet het niet weten. Ik weiger de cijfermatige boekhouder te zijn van de waanzin van mijn tegenstanders. Aan ethische guts heb ik genoeg en aan kritische zin. Die man is een machtswellusteling en een egoïst, 'een materialist', een partijbeest, een mens die bovenal wil baden in aandacht en als geen ander (of helaas, juist als vele anderen...) door het bestaan wenst te gaan met achter zich fel gespekte bankrekeningen. Het tegendeel van een Sint Franciscus, de bedelende, diervriendelijke heilige die wij als kompas voor de komende eeuw duiden. Verhofstadt heeft zich een villa in Toscane ingericht en eentje in Brussel, beiden ter waarde van ettelijke honderdduizenden euro's. Terwijl ik zoals menig eenvoudig mens in Leuven mijn sobere inkomen deel met de bedelaars in de Diestsestraat, omdat consumenten met meer poen die vrouwen links laten liggen. Guy bouwde een vermogen, een status met extreem prestige, een familie op, terwijl ik en honderd anderen mijn dagen doorbracht met naar de mensen te luisteren die het leven onder zijn politieke leiding helemaal niet meer zagen zitten. Bij Tele-Onthaal en in de universitaire psychiatrische klinieken hebben wij steun betuigt aan depressieven, angstigen en kandidaat zelfmoordenaars. En ik ben persoonlijk, in medewerking met buren, jongerenwerkers, buurtwerkers, politie en OCMW de geduldige, strenge, vriendelijke, pedagogische dialoog aangegaan met de mannen van Marokkaanse afkomst in mijn geboortestad, en heb zo mee radicalisering de wind uit de zeilen genomen. Zonder daarvoor enige vergoeding of maatschappelijke erkenning te ontvangen. Behalve een forum te ontvangen als spreker tijdens een eucharistie in een lokale kerk op 10 mei 2015. In natuurreservaten werkte ik zoals honderden anderen in die jaren mij uit de naad, terwijl de verenigingen zo karig gesubsidieerd werden, dat op de maaltijden moest bespaard worden. In de week dat De Standaard elke dag een personaliteit ruimte geeft om een bepaalde held literair te laten “verrijzen” om welbepaalde redenen, neem ik mij graag de vrijheid Guy Verhofstadt naar de hel te wensen.


Het mooie aan een leven als godsdienstige gelovige is overigens dat je jezelf op die manier een krachtig referentiekader cadeau doet. Je kunt voor of tegen de God van de Liefde zijn, pro of contra de God van Jezus. Je kan kritiek hebben op de God van het eerste testament die de vijanden van het Heilige Volk en zijn Profeten straft, wraakbelust, YHWH-Adonai. Het met wanhopige devotie en toewijding focussen op geloof en goede werken, laat je in elk geval op een betrokken manier naar het ontrollen van de geschiedenis kijken. Ik weet mij grondig bevrijd, genezen van onverschilligheid en vervreemding. Ik kijk belangstellend uit of mijn God Guy Verhofstadt gaat straffen. Bijkomstig, dan, want zo een mens is natuurlijk al gevangen in de kerker van zijn ijdelheid en hebzucht van zijn extreme behoefte aan media-aandacht. Aan Nigel Farrage moet ik dan even denken, die met zijn vliegtuigje uit de lucht tuimelde, kort nadat hij Herman Vanrompuy, de nederige, toegewijde, idealistische christelijke Voorzitter van de Raad van Europa had beledigd in het halfrond van het Europese Parlement. Farrage, die zijn politiek mandaat later vlotjes aan de takken hing, nadat hij met zijn boe-geroep de Brexit had bekomen. Guy Verhofstadt met wat jaren te overleven is mijn hoop, zodat ik in een degelijke biografie te weten kan komen in welk familiaal nest zo een ziel met veel onmenselijke trekken, zo een man zonder merkbaar doorleefd gevoel voor de schoonheid en de onschendbaarheid van de moeder die leeft zonder man en zonder kennelijke liefde, interesse of ontzag voor Moeder Natuur, wel mag zijn gevormd.


Stefaan Hublou Aerts