about
Toon menu

De Grote Magelhaense Wolk

zaterdag 12 januari 2019
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Het jaar 2019 is onder een slecht gesternte begonnen. Terwijl steeds meer mensen om me heen het nieuws afzweren en er luidop van dromen om zich, net als Captain Fantastic, af te keren van de krankzinnig geworden wereld, lijkt de ondergang van onze planeet nog slechts een kwestie van tijd.

De mensachtigen gaan onverminderd verder met het elkaar de aardbol rond zo zuur mogelijk te maken en indien mogelijk te verdelgen, waarbij alles wat ze op hun weg aanraken, of waar ze dankzij onze moderne technologie bij kunnen komen - van hoog in de ruimte tot diep in de aarde - leeggeplunderd, vergiftigd, voor dood achtergelaten en in een vuilnisbelt herschapen wordt. Business as usual, en tot zover niets nieuws onder de zon.

Ondertussen nemen, geluidloos, als in een vaccuum, de aanwijzingen toe dat er een eind komt aan al het leed, en dat we straks met zijn allen naar de eeuwige jachtvelden verhuizen. Niet dat ik me met Nostradamus wil meten, of met een andere orakel, maar naast het paginagrote fakenews in de kranten lees ik ook de kleinere kolommen - met des te meer interesse - het nieuws dat in de hoekjes weggemoffeld wordt en net daarom des te verontrustender is. Dit is het nieuws waarop niemand zit te wachten, want vrij van religieuze, economische en politieke doeleinden. Of Apollo nog aan toe: het nieuws dat je niet wilt verzinnen en waar niemand omheen kan!

Het bewuste stukje wees op een heel andere strijd, eentje die zich ver boven onze hoofden afspeelt. Want naast de mensen die, tijdens slapeloze nachten dwars doorheen dat zwaar vervuilde luchtruim naar de sterren staren - vol heimwee naar hoe-het-ooit-eens-was - zijn er ook nog diegenen bij wie deze hobby enigszins uit de hand gelopen is, en er hun brood mee verdienen.
Het betreft de astronomen van de Universiteit van Durham. Deze verzienden ontdekten namelijk dat er een grote donkere wolk boven onze melkweg hangt, die trouwens niets te maken heeft met het paadje over het land dat ik als kind dagelijks heen en weer nam naar de boerderij waar mijn beste vriendje destijds woonde, en wiens oudeheer mijn meegebrachte kit iedere keer weer vulde met een liter of twee verse koeienmelk, zoals mijn vader mij destijds probeerde wijs te maken.

Het betreft de Grote Magelhaense Wolk die om en bij de vijftien miljard sterren omvat, en waarvan al langer bekend was dat ze plannen had om hier eens op visite te komen. 
De sterrenkijkers waren er aanvankelijk nogal gerust in dat we er met hooguit een bluts of een buil vanaf zouden komen; het gezegde ‘traffic in heaven is overestimated’ hangt in het universiteitsgebouw niet voor niets in Durham oak gebeiteld boven de deur naar de aula. Daarmee wordt bedoeld dat er naast die sterren binnen de Grote Magelhaense Wolk - net als in ons sterrenstelsel - nog onmetelijk veel plaats over is, en dat het wel zou moeten passen mocht het tot een treffen komen, en dat het er nu eens echt om zou moeten doen enz..

Tot het tot één van de wise guys doordrong dat al die lege ruimte bedrieglijk is, want alle sterren worden omgeven door zwaartekracht en het is precies deze drukkende leegte die de slaap van het zwarte gat diep in onze melkweg zou kunnen verstoren. De slechte reus die met een razende honger wakker wordt, zeg maar, en die je niet aan je tafel wilt. 
Want éénmaal zo’n zwart gat hemellichamen begint te vreten, is het einde zoek. De Magelhaense kanjers worden dan tegen hun zin en vaak met zware trauma’s onze melkweg ingekeild, en we weten ondertussen allemaal wat er gebeurt met nieuwkomers die ons terrein binnendringen, ook al kunnen ze het niet helpen en zijn ze naar eigen zeggen maar op doorreis.

Het gezegde ‘van je melk zijn’ ligt hier voor de hand aangezien deze sterren zich verplicht zien zichzelf opnieuw uit te vinden, en hun baan moeten zoeken om zich aan te passen aan de grillige gravitatie van de populatie binnen ons sterrenstelsel waar de drukte op dat ogenblik razendsnel toeneemt, een verkeersgekte waardoor de kans op een botsing hier of daar op dat moment met de minuut toeneemt. De grootste vrees gaat uit naar de zon want o wee wanneer onze teerbeminde lichtster één van de klappen vangt, dan is de ellende niet te overzien. 
Volgens de presbyopen of kosmosanalisten is dit alles niet eens zover gezocht, en bestaat er zelfs een kans dat het zonnestelsel hierdoor uit onze melkweg gecatapulteerd wordt. 
Resultaat: Winter is coming!

Aangezien de zon zich ongeveer honderdvijftig miljoen kilometer van de aarde bevindt, zou het een kleine tien minuten duren vooraleer het onmogelijke tot ons doordringt en de eeuwige nacht valt. Bij heldere nacht zouden we nog sterren kunnen zien, maar de planeten verdwijnen. De aarde draait dan enkel om zijn as, waardoor er geen seizoenen meer zijn. De zee houdt de warmte nog even vast, maar elke dag wordt het kouder, en de temperaturen dalen algauw tot onder het vriespunt. Het begint te sneeuwen en na een week bedraagt de gemiddelde temperatuur min dertig graden. De ijsvlaktes in het barre noorden beginnen een veroveringstocht, en trekken naar het zuiden. Daar vallen de eerste slachtoffers terwijl de zee overal dichtvriest. Traag maar zeker veranderen mensen en dieren de aarde rond in ijssculpturen. De temperaturen blijven verder dalen waardoor ook de atmosfeer, noodzakelijk voor alle leven op aarde, tenslotte bevriest. Amen en uit.

De termijn waarop dit alles wordt voorspeld, misrekeningen niet inbegrepen, bedraagt naar schatting twee miljard jaar - qua vooruitzienheid best wel indrukwekkend als je weet dat de leeftijd van de aarde op vier en een half miljard jaar wordt geraamd - waardoor we nog even hebben om ons voor te bereiden. Zo liggen er bvb nog steeds mutsen, handschoenen, gewatteerde laarzen en skipakken in de kringloopwinkel in Avelgem.
Gelukkig bestaat er volgens hoofdonderzoeker dr. Marius Cautun van het Computational Cosmology instituut een redelijke kans dat we ongedeerd uit deze botsing zullen komen. 
Hoera!

Dus duimen maar...