about
Toon menu

Gezocht: Literaire journalist zonder vooroordelen om recensie te schrijven

zondag 10 juni 2018
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Ik heb een boek geschreven. Het betreft een verzameling kortverhalen die samen een groter plaatje schetsen. Een bevriend schrijverskoppel heeft alles grondig geredigeerd, tot het komma neuken toe. Maar nu is het af. Ik denk dat het maatschappelijk relevant is, lezenswaardig, dat er literatuur in steekt, dat wie het leest ontroerd zal zijn en af en toe zal kunnen lachen. En aan het einde van de rit zul je misschien zelfs het gevoel hebben dat je iets hebt bijgeleerd.

Ik heb het naar verschillende uitgevers gestuurd, en de reactie die ik meestal kreeg was ‘het past niet in ons fonds’, en af en toe ’verhalenbundels verkopen niet meer’. Enkele uitgevers waren heel lovend in hun afwijzingen zodat mijn hart ervan opsprong waarna ik wel kon huilen.

’Maar waarom geef je het dan niet uit?’ dacht ik ontgoocheld, bedroefd en moedeloos…

Toen ik alles in gereedheid bracht om het zelf uit te brengen bleek er plots toch een uitgever interesse te hebben in mijn boek. Helaas kon ik niet vroeger dan in het najaar op bezoek om het project te bespreken. Aangezien alles dan nog altijd in het water kon vallen, en ik er ondertussen ook al ruim twee jaar mee bezig ben, besloot ik om niet om meer op mijn stappen terug te keren.

Ik ging eens kijken of er nog schrijvers waren die in schoenen zoals de mijne stonden.

Tot mijn verbazing las ik dat Pieter Aspe uit onvrede zelf met een uitgeverij is begonnen om zijn eigen boeken uit te geven, net als Jan Delvaux. Andere schrijvers zoals Paulien Cornelisse, Frank Norbert Rieter, Marnix Peeters of Koen Van Wichelen brengen ze gewoon uit in eigen beheer en houden zo de touwtjes in handen.

‘Als schrijver beslis ik zelf over de carrière van het boek, de eventuele herdrukken en de verramsjing’, zegt Delvaux daarover.

‘De klassieke verhouding is: de auteur schrijft, de uitgever doet de rest. Maar we zijn op het punt gekomen dat de auteur alles moet doen. Je moet al bijna eerst een bekende Vlaming zijn, voor beginnende auteurs is het heel moeilijk’ zegt Pieter Aspe. Marianne De Baere van Uitgeverij Manteau volgt Aspe merkwaardig genoeg in zijn redenering dat de uitgever teveel verwacht van de schrijver, te log geworden is en meer doet voor hun aandeelhouders dan voor de auteurs. ‘De tijd is rijp voor nieuwe en verfrissende uitgeefinitiatieven’ zegt ze in De Morgen.

Voor ik in de kringloopwinkel verzeild raakte, werkte ik enkele jaren in een boekhandel. Ik herinner me hoe we steevast te doen hadden met de schrijvers die hun zelfgemaakte boekjes bij ons in de winkel kwamen leggen.

Het zag er niet uit en het voelde niet goed, het leek op een uit de hand gelopen reclamefolder of een fotoalbum van iemand anders.

Het wemelde ook vaak van de taalfouten en vreselijke zinnen. En op enkele familieleden, vrienden en buren van de auteur na, was er niemand die een boekje kwam kopen. Sommige auteurs die niet zo goed waren in sociaal contact, konden nadien zelfs alles weer komen ophalen. Want zo ging dat: de auteur bracht eigenhandig een aantal exemplaren naar de boekhandels. In consignatie. Dat betekende dat de boekhandelaar enkel de verkochte boeken moest afrekenen en de rest terug kon geven. Sommigen telefoneerden al de week nadien om te kijken of we nog exemplaren in voorraad hadden. Meestal hadden we ze nog allemaal. Anderen kwamen na een maand om de resterende boeken op te halen, weer anderen na drie maanden of zes maanden en af en toe was er ook iemand die een jaar wachtte om terug langs te komen. Occasioneel kwam iemand na enkele jaren informeren wat er eigenlijk met zijn boek was gebeurd — waarna hij ze soms allemaal terug kreeg, geen enkel exemplaar verkocht — en een enkeling liet nooit meer van zich horen. Waarschijnlijk had deze na enkele winkels tijdens zijn retourtour door dat het niets geworden was, en kon hij het gezicht vol medelijden van de boekhandelaar niet meer aan. Toen beloofde ik mezelf dat ik nooit of te nimmer een boek in eigen beheer uit zou geven. Een belofte die ik nu dus over enkele weken zal verbreken.

Ik tikte ‘een boek uitgeven’ in op Google. In 0,40 seconden had ik 484.000 resultaten.

Het was on-voor-stel-baar! Maandenlang heb ik gewacht op een teken van leven vanuit deze of gene uitgeverij terwijl deze uitgevers hier smeekten om kopij. Boekscout, Boekengilde, Vertelpuntuitgevers, Mijnbestsellers, Createmybooks, Bravenewbooks, Piramidions, Lecturium, …

De startpagina werd overspoeld door uitgevers die het onbekende en daardoor onbeminde talent aanspoorden niet af te haken, maar het toekomstige meesterwerkje al de kansen te geven dat het verdiende. De procedure is vrijwel overal dezelfde: je moet een account aanmaken, zorgen voor een korte bio en inhoud van je boek, je manuscript en cover downloaden, een ISBN nummer aanvragen en klaar is kees!

Ik trok mijn script naar binnen, net zoals de door het reclamebureau van mijn zus vervaardigde cover. Ik moest beslissen waar het te koop mocht worden aangeboden. Daar zat een grote internetboekhandel bij, de webshop van de uitgeverij zelf, en het Centraal Boekhuis. Als het zover was, en ik het wou publiceren zat ik dus gebeiteld; de verspreiding van het boek was verzekerd. De POD uitgevers zijn bovendien volop op zoek hoe zij het publiek kunnen laten kennismaken met het werk van hun schrijvers. Voorpublicaties van tien pagina’s, zowel op papier als digitaal, lijken nog het meeste vruchten af te werpen.

Om te beginnen bestelde ik bij verschillende uitgevers één exemplaar zodat ik de kwaliteit van het aangebodene kon controleren.

Ik was aangenaam verrast toen de boeken bij me in de bus vielen; de kwaliteit was consequent hoog en herinnerde in niets aan de printing on demand boeken van zo’n tien jaar terug.

Tenslotte koos ik een uitgever uit waarmee ik verder in zee wou gaan. Ik controleerde de lay-out en het zetwerk, paste hier en daar nog iets aan en bestelde toen enkele proefdrukken voor de schrijverscontacten die ik nog bezat uit mijn periode in de boekhandel. Ik stuurde de boeken op en kreeg heel mooie reacties maar tegelijk steevast de waarschuwing dat het boek niet gerecenseerd zou worden omdat het niet door een erkende uitgever was uitgebracht.

Dertig jaar geleden bepaalden de platenmaatschappijen wat voor muziek het publiek te horen kreeg.

Door de democratisering van de muziekindustrie is het aanbod gigantisch toegenomen. Dankzij streaming is de luisteraar vandaag in staat een keuze te maken en het kaf van het koren te scheiden. Wat de boekenmarkt nu meemaakt is in zekere zin vergelijkbaar. De kunstenaar wordt tegelijkertijd uitgever. Dat betekent dat hij de eindredactie tot het laatste moment zelf in handen heeft en autonoom kan beslissen over zijn product. Tegelijk met de toename van het aanbod is de kwaliteit van het aangebodene logischerwijze heel ongelijk geworden. Want net zoals de zondagsmuzikant zijn knutselwerkjes zonder al te veel moeite op Spotify kan publiceren waarmee hij tussen de grote namen komt te staan, kan de zondagsschrijver voor een uitgave zorgen die visueel niet afsteekt naast de literaire goden van vandaag op de tafels in de boekhandel.

Een onafhankelijk, onbevooroordeeld en erkend systeem dat de in eigen beheer uitgebrachte boeken tegen betaling grondig weegt en van een kwaliteitslabel voorziet, zou hiervoor een oplossing kunnen bieden. Voorlopig echter moet de schrijver die zijn nek uitsteekt, het heft in eigen handen neemt en zich geen enkele moeite bespaart om een kwaliteitsproduct af te leveren, aanvaarden dat de pers zijn product niet ernstig neemt en vakbroeders en de mensen uit het boekenvak hem nog steeds als een melaatse beschouwen.

Dus daarom, deze oproep:

Gezocht: literaire journalist zonder vooroordelen om recensie te schrijven.