about
Toon menu

Het Wereldvoedselprogramma: een haalbare kaart of wishful thinking?

zondag 20 mei 2018
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Zou men armoe lijden door een mondje meer? Dit schreef René De Clercq in zijn gedicht Hemelhuis, vlak voor zijn idyllisch wereldbeeld aan flarden geschoten werd toen enkele jaren nadien de eerste wereldoorlog uitbrak. 

Toen René De Clercq zijn poëtische woorden neerschreef, omstreeks 1911, bedroeg de wereldbevolking ongeveer 1,7 miljard mensen.  Ondertussen, dik honderd jaar later, is de wereldbevolking aangegroeid tot 7 miljard. En het aantal mensen op Aarde blijft groeien met ongeveer 200.000 per dag wat neer komt op 75 miljoen mensen per jaar. De Verenigde Naties schatten dat de wereldbevolking op die manier zal aangroeien tot 9 miljard in 2050. 

Wereldbevolking versus ecologische draagkracht van onze planeet.
Beseffen wij eigenlijk wel de omvang van het probleem?

Met 7 miljard mondjes om te voeden, overstijgen we de ecologische draagkracht van onze planeet ruimschoots. Naar schatting 11 procent van de wereldbevolking leeft in gebieden waar absolute hongersnood heerst, en volgens schattingen van het Wereldvoedselprogramma (WFP) is dit cijfer nog aan het stijgen. De belangrijkste oorzaken voor de voedselschaarste zijn droogte en gewapende conflicten, zo stelt het WFP, dat toch optimistisch blijft. Het WFP gaat er van uit dat honger wel degelijk uit de wereld geholpen kan worden mochten we er in slagen de gewapende conflicten in de getroffen gebieden te beëindigen. Als we daarin zouden slagen, dan is het voor de rest gewoon een kwestie van duurzame landbouwtechnieken introduceren, met voorop een efficiënte waterwinning, althans dat is wat ik lees op de website van het WFP. Dit lijkt mij echter bijzonder onrealistisch. 

Can we end hunger?

“We can end hunger if we end conflict”, stelt het WFP. Dit mag dan wel een heel nobele doelstelling zijn, toch moeten we iets voorzichtiger zijn met dit soort ambities. In de eerste plaats moeten we rekening houden met een demografische paradox die we zien, telkens wanneer een ontwikkelingsland er in slaagt de levensstandaard te verhogen. Die paradox is eigenlijk heel simpel. Als men er in slaagt om voedselschaarste weg te werken zien we in de eerste plaats dat de kindersterfte afneemt. Op zich een positief gevolg, maar wat men hierbij vaak uit het oog verliest is het gigantische effect op de bevolkingsaangroei. Landen die getroffen worden door hongersnood hebben steeds ook een heel hoge kindersterfte. Door de voedselschaarste en het gebrek aan water weg te werken, daalt die kindersterfte dus drastisch, wat zich vertaalt in een nog snellere toename van het bevolkingsaantal. Naast kindersterfte zien we vervolgens ook de levensverwachting van de mensen fors toenemen, wat zich ook vertaalt in een stijging van de totale bevolking. 

China is een heel duidelijk voorbeeld van hoe een bevolkingsaantal spectaculair toeneemt door de levensstandaard te verhogen. Sinds het midden van de twintigste eeuw voert de Chinese communistische partij een onafgebroken strijd om het land te industrialiseren en de levensstandaard te verhogen. Die pogingen om de economie op te bouwen waren niet altijd even succesvol. De grote sprong voorwaarts van Mao Zedung omstreeks 1950 leidde bij voorbeeld tot een regelrechte hongersnood die miljoenen doden eiste.  Maar los daarvan is China er wel in geslaagd om een sterk groeiende economie op te bouwen. Parallel daarmee is op pakweg 50 jaar tijd de Chinese bevolking ook gewoon verdubbeld. Dit leidde er toe dat Deng Xiaoping drastische maatregelen moest handhaven, met name de zogenaamde één-kind-politiek die tijdens de jaren ’70 ingevoerd werd. 

Algemeen kan men dus verwachten dat indien men erin zou slagen om de hongersnood te verdrijven uit landen zoals bij voorbeeld in centraal Afrika, men sowieso een nog sterkere groei van de lokale bevolking mag verwachten, waardoor de ecologische draagkracht sterker onder gezet wordt dan beleidsmakers meestal inschatten. 

Kunnen we droogte bestrijden?

Los van deze demografische paradox moet ook aangestipt worden dat droogte - die andere oorzaak van voedseltekorten - een bijzonder hardnekkig probleem is. Momenteel is ongeveer 40 procent van het aardoppervlak woestijn. Studies tonen aan dat dit percentage duidelijk aan het toenemen is met twee onmiskenbare oorzaken: de opwarming van de Aarde en het toepassen van landbouwmethodes die alles behalve duurzaam zijn. 

Hier komen we bij een tweede paradox die heel typerend is voor ontwikkelingslanden. Naarmate de bevolking toeneemt is er steeds meer voedsel nodig, waardoor men zich genoodzaakt ziet meer landbouwgrond te winnen. Het grote probleem daarbij is dat men dit in centraal Afrika en Latijns America doet door het tropisch regenwoud te ontbossen. Dit leidt op lange termijn tot heel schadelijke effecten, zoals erosie van de bodem en het verloren gaan van de biologische diversiteit, en paradoxaal genoeg ook tot het verdwijnen van natuurlijke waterreserves, waardoor vruchtbare grond naar woestijngebied degradeert. Het paradoxale bestaat er dus in dat naarmate de bevolking toeneemt, men steeds meer landbouwgrond wil winnen, maar doordat de gebruikte methodes daartoe niet duurzaam zijn werkt men de verwoestijning verder in de hand. Een land als Nigeria verliest jaarlijks maar liefst 350.000 hectare vruchtbare landbouwgrond terwijl de bevolking er tijdens de afgelopen 50 jaar verdrievoudigd is. 

Ik sta volledig achter het nobele idee van het Wereldvoedselprogramma om in gebieden waar hongersnood heerst duurzame landbouwtechnieken te introduceren, maar ik vrees er voor dat de omvang van het probleem sterk onderschat wordt. De stelling dat men voedselschaarste de wereld kan uit helpen mocht men er in slagen alle gewapende conflicten te beëindigen lijkt mij totaal onrealistisch. De snelheid waarmee de wereldbevolking aangroeit en de druk die dit zet op de ecologische draagkracht van onze planeet is zo onwezenlijk groot dat we er eigenlijk geen besef van kunnen hebben.

Dat het introduceren van duurzame landbouwtechnieken en het stoppen van gewapende conflicten de honger uit de wereld kan helpen, zoals het Wereldvoedselprogramma vooropstelt, is volgens mij dan ook een totaal onrealistische visie. De essentie van het probleem is dat de omvang van de wereldbevolking de ecologische draagkracht van onze planeet ruimschoots overstijgt. En de realiteit is dat die wereldbevolking nog steeds blijft stijgen. Mochten we er in slagen om gewapende conflicten te beëindigen en duurzame landbouwtechnieken in te voeren, dan nog blijft de toename van de wereldbevolking de ecologische draagkracht van onze planeet compleet overstijgen.