about
Toon menu

Opinie - Wanneer identiteit scheidt

vrijdag 29 mei 2015
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

'Identiteitspolitiek' is een andere manier om te zeggen 'dat ook het persoonlijke leven politiek is'. Dit is zeker zo in het geval van 'gender'. In welke mate je als vrouw of man gezien en behandeld wordt, beïnvloedt je leven enorm. Heel wat persoonlijke dingen zijn erg geslachtsgebonden, zoals veiligheid op straat of een gelijke toegang tot allerlei kansen. En tenslotte klopt het dat een gedeelde ervaring (zoals als vrouw behandeld worden) mensen een gevoel van samenhorigheid geeft.

Aan de andere kant is 'identiteitspolitiek' soms problematisch. Ooit mobiliseerde het idee van 'wij vrouwen' (tegen 'zij mannen') een front dat tal van maatschappelijke veranderingen kon realiseren. Maar vandaag rammelt dit unitaire idee aan alle kanten. Ten eerste is het bedenkelijk dat er slechts twee kampen mogelijk zijn en dat iedereen dient te kiezen voor één van beide. Daarnaast trekt men alle vrouwen in 'het goede kamp', terwijl er heel wat imperfecte vrouwen zijn. Ook duwt het alle mannen in 'het slechte kamp', terwijl heel wat mannen proberen om zo goed mogelijk te leven. Een dergelijk oordeel is ook snel blind voor de effectieve verschillen tussen mensen binnen hetzelfde kamp, evenzeer als onwillend om gelijkenissen te zien met mensen die niet tot de eigen groep behoren. Laat staan dat men zou erkennen dat verschillen ook de ideologie kunnen verrijken.

'Identiteitspolitiek' stijl 'wij vrouwen tegen zij mannen' wil soms niet toegeven dat de wereld meer variatie kent dan slechts vrouwen en mannen. Het gevolg is dat sommige feministen weigeren om interseksualiteit en gendervariatie binnen hun wereldbeeld op te nemen. In de Verenigde Staten gaat dat zelfs zo ver dat bepaalde extremistische kringen binnen de feministische beweging van hun afkeer voor transgender personen hun belangrijkste strijdpunt maken. Het is soms zeer de vraag wat deze 'Trans Exclusionary Radical Feminists' (zogenaamde TERF's) eigenlijk willen, naast het neersabelen en kleinhakken van transgenders. Transgender vrouwen zijn voor TERF's 'female constructs' en 'indringers', terwijl transgender mannen 'overlopers' zijn. Daarbij verdient alleen wie als vrouw is geboren enig vertrouwen en zusterschap. Wie als man is geboren, kan niet anders dan inherent slecht zijn. En het is onmogelijk om van kant te wisselen, “because we said so”...

Het bovenstaande verhaal lijkt te suggereren dat het niet erkennen van transgender personen eigen is aan het feminisme. Dat is niet zo. Veel vaker werken transgender personen en feministen in wederzijds respect samen voor een vrijere wereld. TERF's zijn slechts een kleine minderheid, die erg luidruchtig en vanuit grote overtuiging handelt. Zo vormen hun woorden helaas krachtvoer voor tegenstanders om alle feministen op één hoop te gooien en vervolgens te verguizen.

Versplintering maakt krachteloos

Twee feministische golven betekenden ontzettend veel voor de kansen en de identiteiten van vrouwen. Maar vandaag is feminisme veranderd in een kabbelend beekje dat nooit werkelijk de wortels van het patriarchaat bedreigt. De meeste mannen en vrouwen weigeren zichzelf 'feminist' te noemen. Veel mensen denken zelfs dat mannen en vrouwen vandaag reeds gelijkwaardig zijn. Velen willen 'het domme publiek' daarvan de schuld geven, maar dat is te gemakkelijk: wanneer een boodschap de harten niet raakt, dan ligt het probleem in de boodschap zélf, of in de kanalen waarlangs deze is verspreid. Dus is een grondige introspectie dringend nodig.

Feminisme is niet de enige bevrijdingsbeweging die zichzelf in vraag dient te stellen. Uit de Stonewall rellen in 1969 ontstond de 'gay liberation'. Na die rellen werden de eisen van drag queens en transgenders actief uit het homoseksuele eisenpakket geschrapt, ook al hadden deze mensen vooraan op de barricades gestaan. De nieuwe opinieleiders zagen het als onmogelijk of onwenselijk om transgender rechten aan het publiek te verkopen, en dus werd hun bestaan of hun behoren ontkend.

Na de organisatie van homoseksuele mannen en later ook van lesbiennes, zeiden er mensen: “wel, ik hou van zowel mannen als vrouwen”. Tot op vandaag strijden deze biseksuele mensen om aanvaard te worden als een stabiele geaardheid, eerder dan als 'onbetrouwbaar en onbeslist'.

Vervolgens vonden transgender personen hun stem. Hun verhaal ging eerder over gender identiteit dan over seksuele oriëntatie. Pogingen om een bredere aansluiting te vinden gingen vaak moeizaam. Heel wat holebi's vonden transgenders maar niks. Ook waren (en zijn) er nogal wat transgenders die zeggen “ik ben heteroseksueel, dus ik wil met holebi's niets te maken hebben”. Maar de intolerantie gaat dieper. Heel wat transseksuele mensen haten 'genderqueers' die zich niet proberen in te passen als 'echte vrouwen of mannen'. Ook 'crossdressers' die zich slechts parttime omkleden liggen slecht in de markt. Sommigen willen best ver gaan om de veelkleurige transgender alliantie weer uiteen te rukken, zodat men zelf gewoon 'normaal man of vrouw' kan zijn.

Tenslotte praten we niet eens over de correcte kritiek van gekleurde, arme, oude en/of gehandicapte mensen, dat ze niet serieus worden genomen binnen zoveel feministische of LGBT initiatieven. We hebben het ook niet over homomannen die neerkijken op 'verwijfde mannen die hen een slechte naam geven', noch over lesbiennes die niet houden van 'butches' of die 'femmes' niet zien als echte lesbiennes. Enzovoort, enzoverder...

Het patroon dat hier bloot ligt, is er één van ernstige versplintering. Dit is een droeve situatie, want hoe bitter sommige discussies ook worden, daarbuiten 'in de echte wereld' merken weinigen daar iets van. Het privilege van de witte heteroseksuele man staat er nog steeds vrolijk rechtop. Daar is men zelfs amper begonnen met het overtuigen van mannen dat ook zij niet vrij zijn. Net zoals vrouwen gesocialiseerd zijn om 'vrouwelijke' regels te volgen, zijn mannen opgeroepen om volgens 'mannelijke' regels te leven. De resultaten zijn zichtbaar in hun veel hogere cijfers van zelfdoding, omdat vele mannen zijn geleerd om geen pijn en emoties te tonen. Over seksueel geweld op mannen wordt niet gepraat, want het taboe is te groot. En regeringen bestaan uit 'machtige mannen' die blijkbaar niet machtig genoeg waren om geen saaie grijze kostuums te moeten dragen. Zijn ook al deze jongens niet gewoon gekneed zoals de samenleving hen wilde hebben?

Wat is de grote droom?

De kern van de zaak is dat 'de normale wereld' grotendeels onberoerd zal blijven zolang er binnen allerhande anti-patriarchale kringen meer onderling wordt gevochten dan samengewerkt. Dat kan pas veranderen wanneer men structureel meer empathie wenst op te brengen voor mensen die 'niet zoals ons' zijn. Heel vaak zijn deze verschillen amper relevant, maar worden ze slechts binnen onze eigen theorieën en punten van identiteitspolitiek tot enorme proporties opgeblazen. In feite streeft iedereen echter naar hetzelfde: het recht om eerlijk zichzelf te zijn en als dusdanig gerespecteerd te worden. Het doet daarbij weinig ter zake hoe men dan is, zolang men een ander hetzelfde gunt.

Wat is de grote droom? Dat we niet langer onze energie, onze haat en onze kwetsuren spenderen aan nodeloze discussies als “wij zijn echt en jullie zijn vals of fout”. Dan komen wij – feministen, holebi's, transgenders, interseksuelen, queers en mannen die het goed menen – misschien zelfs tot de conclusie dat we met méér zijn dan diegenen die moedwillig profiteren van een oneerlijk patriarchaal systeem. Vanaf dat punt vinden we misschien de kracht en de vrijheid om schouder aan schouder de wereld een andere, mooiere vorm geven.

Mare Van Hove  

(Dit stuk is eerder verschenen in een recente zine van het Gentse queer-collectief Queerilla)