about
Toon menu

1302, klassenstrijd in Vlaanderen (4, invloed, kunst enz.)

dinsdag 11 juli 2017
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Als een regio een bloeiende economie heeft dan gaat dat dikwijls gepaard met een parallelle bloei van militaire macht, kunsten, wetenschap enz. Vlaanderen bevestigde die regel tijdens de hoge middeleeuwen.

Het belang van Vlaanderen en de Nederlanden in Europa in de hoge middeleeuwen, aan de hand van enkele voorbeelden

1066, de verovering van Engeland
1066 Boudewijn V steunde kort voor zijn dood de expeditie naar Engeland in 1066 (Hastings) van zijn schoonzoon Willem de Veroveraar, die gehuwd was met zijn dochter Mathilde van Vlaanderen.

1099, eerste kruistocht, de verovering van Jeruzalem.
Godfried van Bouillon, die net als zijn voorouders nog Middelnederlands sprak, had de leiding bij de verovering van Jeruzalem.

Boudewijn IX, werd als Boudewijn I, keizer van Constantinopel, 1204-1205
Boudewijn (Valencijn, juli 1171-Bulgarije, 1205) was als Boudewijn IX graaf van Vlaanderen van 1194 tot 1205 en als Boudewijn I in de jaren 1204 en 1205 de eerste keizer van het Latijns Keizerrijk van Constantinopel.

De Vlaamse Marco Polo, Willem van Rubroek, en zijn reis naar China, 1253-1255

Hij was gezant van de Franse koning én vanwege zijn hoop op bekering van de Mongolen trok hij naar de Groot-Khan tot in Karakoroum, waar hij aan het hof notabene een Franse edelsmid aantrof. Hij schreef een verslag in het Latijn.[1] Willem van Rubroeck was een Vlaamse missionaris van de orde van de franciscanen. Hij was afkomstig uit Rubroek (Rubroeck) nabij Kassel in Frans-Vlaanderen. Hij maakte van 1253 tot 1255 een reis naar het Mongoolse rijk. Het in het Latijn geschreven verslag van die reis wordt door hedendaagse historici in termen van kwaliteit en betrouwbaarheid superieur geacht aan alle andere Europese verslagen over het rijk van die periode.

Hij ontmoette een van de grootste geleerden van de middeleeuwen, Roger Bacon. Die heeft enkele jaren later ergens in Frankrijk Van Rubroeck nog een keer ontmoet. Bacon had een gesprek met hem, kopieerde delen van het reisverslag en nam die op in de geografische sectie van zijn Opus Majus. De best mogelijke aanname voor het tijdstip van die ontmoeting is 1257 of 1258. Daarna verdwijnt Van Rubroeck geheel uit beeld.†(Wiki,  nl.wikipedia.org/wiki/Willem_van_Rubroeck) Marco Polo reisde later, tussen 1271 en 1298 naar China.

Jacob van Maerlant, en de Spieghel Historiael, een middeleeuwse encyclopedie.
Jacob van Maerlant (Brugse Vrije, ca. 1235 – ca. 1300) was een Vlaams dichter uit de dertiende eeuw en een van de belangrijkste Middelnederlandse auteurs. Met zijn meer dan 230.000 verzen was hij ook een van de productiefste middeleeuwse auteurs. Zijn belangrijkste werken zijn omzettingen uit het Frans en het Latijn.

Op de grafplaat stond Jacob van Maerlant, bril op de neus, een boek op een lezenaar te bestuderen. Op deze lezenaar stond een uil afgebeeld, met de woorden Uyl en spieghel. Hierdoor ontstond het geloof dat dit om de grafsteen van Tijl Uilenspiegel ging, met een ware cultus als gevolg. 'Der naturen bloeme' (naar 'De natura rerum' van Thomas van Cantimpr) was de eerste natuurencyclopedie in de volkstaal. In 1271 bewerkte hij de ‘Historia scholastica’ van Petrus Comestor tot Rijmbijbel, een vertelling van de Bijbelse geschiedenis in de Nederlandse volkstaal. Hiertegen bestond in de leiding van de Rooms-Katholieke Kerk weerstand, omdat zo de Bijbel voor grote groepen gelovigen leesbaar werd.

Van 1285 tot 1288 werkte Jacob van Maerlant aan zijn grootste werk, de 'Spieghel historiael', een bewerking van de Latijnse kroniek 'Speculum historiale" van Vincent van Beauvais, waarin hij de wereldlijke geschiedenis op een didactische wijze beschreef.

In de loop der jaren zou Jacob van Maerlant zich steeds meer distantiëren van de Franse literatuur die hij historisch en tekstueel onbetrouwbaar achtte. In zijn ogen zouden de Franstalige poëzie en romans te veel de schoonheid en rijmelarij nastreven in plaats van de (feitelijke) waarheid weer te geven.[2]

Kunst

De middeleeuwse gebouwen, kerken, belforten en lakenhallen, de miniaturen en schilderijen maar ook de literatuur getuigen ook van de welvaart van Vlaanderen tijdens de hoge middeleeuwen. Op kunstgebied zijn werken uit deze perioden als de legende van Sint Servaes van Hendrik van Veldeken, Reinaert de Vos, Beatrijs, Halewyn, mijlpalen in de literaire geschiedenis van de Lage Landen. [3]

Dr. Marc Vermeersch   marc.vermeersch.gmail.com 

Zie ook andere delen van deze reeks:
1302, klassenstrijd in Vlaanderen (1, economie)
1302, klassenstrijd in Vlaanderen (2, wol en landwinning)
1302, Klassenstrijd in Vlaanderen (3, sociale klassen)

[1] Ubertinus Devolder, o.f.m., Ronny Ostyn, Paul Vandepitte, het reisverhaal van Willem van Rubroek, de Vlaamse Marco Polo: 1253-1255, de roede van Tielt, 1984. 160 bladzijden.

[2] https://nl.wikipedia.org/wiki/Jacob_van_Maerlant

[3]https://nl.wikipedia.org/wiki/Geschiedenis_van_de_opkomst_van_vorstendommen_en_steden_in_de_Lage_Landen#Graafschap_Vlaanderen_als_territoriale_leider