about
Toon menu

MGR. LAFONTANT VAN HAÏTI: MINSTBEDEELDEN KOMEN OP DE EERSTE PLAATS

donderdag 22 april 2010
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Mgr. Joseph Lafontant nam de taken over van de aartsbisschop, de dag van de aardbeving, als gevolg van de plotse dood van Mgr. Serge Miot. Hij werd in de post bevestigd door de Heilige Stoel. Kerk in Nood sprak met de bisschop tijdens zijn bezoek aan het hoofdkantoor van Kerk in Nood in de maand maart. Hieronder vindt u een fragment. Onderaan kan u het gehele interview downloaden.

Het droevigste moment: de dood van de aartsbisschop

KIN: Bedankt, Monseigneur, om tijd vrij te maken voor dit interview. De afgelopen twee maanden moeten voor u een zware tijd geweest zijn. U hebt dag en nacht gewerkt om met de Kerk de noden van de mensen in Haïti te lenigen. Welke zijn uw donkerste herinneringen aan deze periode en welke gevoelens hebben die bij u opgeroepen?

Mgr. JL: De droevigste herinnering is zonder enige twijfel de tragische dood van Mgr. Serge 100421 Lafontant kathedraal.jpgMiot (foto rechts). Op dat moment was ik niet op de kanselarij. Ik vertoefde nog in mijn eigen residentie en maakte me klaar om de Eucharistie te vieren, toen de aardbeving begon. Ik kon me dus ook niet onmiddellijk naar de kanselarij begeven. Als bij toeval bleven onze telefoonlijnen wel functioneren.

Hij wilde de mensen kalmeren

Na de eucharistieviering werd ik op de hoogte gesteld van de tragische gebeurtenissen. Niemand wou me onmiddellijk de waarheid zeggen. Uiteindelijk was het de chauffeur van de aartsbisschop die me het vertelde op een wat omfloerste wijze, zonder het woord dood echt te gebruiken. Hij zei dat het “heel erg” was. De priester die het stoffelijke overschot van de aartsbisschop vervoerde, vertelde me uiteindelijk het ganse verhaal. Hij vertelde dat de aartsbisschop op het balkon verschenen was om de mensen die zich rondom het bisschoppelijk paleis hadden verzameld, te kalmeren. Mensen waren immers in paniek, schreeuwden en weenden. Door een plotselinge aardschok viel hij van het balkon op een wagen die geparkeerd stond op de binnenkoer. Hij moet onmiddellijk dood geweest zijn. Waarschijnlijk heeft hij niet geleden. Tijdens de begrafenisplechtigheid merkten we dat zijn nek en kaak gebroken waren. Zijn dood is tragisch en hij is één van de zo vele slachtoffers, die we hebben teruggevonden en die we overigens nog altijd vinden bij het ruimen van het puin.

Apokalyptisch

De dag volgende op de aardschok vernamen we het overlijden van talrijke bekenden. De lijken lagen overal op straat en sommige mensen moesten er letterlijk overheen stappen om hun huis te kunnen binnengaan. Auto’s konden niet rijden omdat de ingestorte gebouwen de wegen blokkeerden. Je geloofde je eigen ogen niet. Het was een apocalyptische aanblik.

Enige tijd later ontvingen we ook meer nieuws over onze priesters. De eerste berichten waren kort en niet volledig natuurlijk. We zijn onmiddellijk zo goed en zo wel als we konden in actie geschoten om de eerste zorgen toe te dienen aan de priesters, die dat het meest nodig hadden. De eerste hulp kwam binnen via de Dominicaanse Republiek en op een behoorlijke en vrij efficiënte manier.

Nadien kregen we meer informatie over het aantal slachtoffers onder de religieuzen en de priesters. In het grootseminarie stortte het auditorium theologie en filosofie in, waar seminaristen op dat moment les volgden. Bij die instorting kwamen 14 jonge mannen om. In het Instituut van de Religieuzen zagen mensen hoe een zuster van Kardinaal Hummes uit Brazilië omkwam toen ze een voordracht aan het geven was. Andere religieuzen werden gedood in hun eigen auto. Het was alsof de Apocalyps zich voltrok. We begonnen ons toch meer te organiseren. Niet zo zeer om noodhulp op het touw te zetten. Dat was voor ons onmogelijk, maar veeleer om onze prioriteiten vast te stellen en een werkwijze op te zetten. De internationale hulporganisaties uit Europa en uit de V.S. verzamelden zich voor de nuntiatuur om van hieruit de hulp te coördineren. Het was een erg pijnlijke aanblik mensen te zien rondwalen op straat zonder te weten waar ze naar toe moesten gaan.

Dan was er nog iets erg pijnlijks. In het centrum van de stad bevinden zich de meeste winkels. Op een bepaald moment verspreidden gangsters het bericht dat een tsunami de stad zou overspoelen. Daarmee wilden ze het stadscentrum ontvolken om zo ongestraft hun slag te slaan en de winkels te kunnen leegroven. Het was een georganiseerde diefstal in alle ingestorte winkelcentra.

De minstbedeelden op de eerste plaats

We vragen ons ook steeds opnieuw af wat me met de ingestorte kathedraal gaan doen. Zullen we ze opnieuw opbouwen? “Zo een monument behoort tot het patrimonium, dat moet je heropbouwen”, zeggen bezoekers en organisatie ons, die Port-au-Prince bezoeken. Geen slecht idee, maar ik wil het alleen maar doen wanneer de staat ook bereid is het centrum van de stad te herstellen en op voorwaarde dat alle veiligheidsparameters bestudeerd zijn. En dan is er nog de kliniek die aan het aartsbisdom verbonden is, en voor meer dan 80% is vernietigd. De grootste afdeling was de pediatrieafdeling. Ze is ingestort, samen met de 36 personen die zich in het gebouw bevonden op dat moment. Het ziekenhuis was er vooral voor de minstbedeelden.

Als men mij vraagt om het ziekenhuis opnieuw op te bouwen, dan moet het op de eerste plaats voor hen zijn. De Kerk moet aan de mensen laten zien, dat wij hen niet in de steek zullen laten. Wij zullen geen wonderen kunnen doen, we hebben geen toverstaf en we kunnen ook niet in de rol van de staat op ons nemen, maar we moeten absoluut onder deze mensen blijven. De Kerk van Haïti engageert zich, samen met al haar zusterkerken, om de mensen weer te laten opstaan en om met hen te delen. We hebben een grote verantwoordelijkheid tegenover de personen die in nood verkeren. Zij moeten de hoop op een gemeenschappelijke toekomst kunnen bewaren.

Tekst van het INTERVIEW downloaden of  rechts klikken op het geluidsfragment om een stukje te beluisteren (taal Frans).

Haïticampagne 2010 (2).jpgHeropbouw van de Kerk in Haïti steunen