about
Toon menu

Burgeranalyse - politiek bedrijf - levensbeschouwing: dl. 1 opium voor het volk

donderdag 14 maart 2019
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Religie is opium voor het volk

Doorheen de ontstaansgeschiedenis van de mens was er altijd een vorm van religie. De accenten waren verschillend, maar de essentie bleef grotendeels dezelfde. Nagenoeg altijd was er een diep respect voor een vaderlijke, scheppende kracht die ergens boven ons huist. En bijna overal was er grote aandacht en dankbaarheid voor moeder aarde, zij die ons van voedsel en al onze materiële benodigdheden voorziet. Als mensheid leefden we vanuit de ervaring van een grote verbinding met deze universele moeder en vader en achtten hun waarde en krachten.

Hieruit groeiden de verschillende geloofssystemen waarvan sommigen vele aanhangers vonden. Het succes kwam er omdat ze een universeel deel in ons aanspreken dat zich wenst te verbinden.
Maar hoe meer een geloofssysteem zich organiseerde, hoe meer het vervreemdde van zijn doel. Godsdienst was voor sommigen een manier geworden om macht uit te oefenen op de bevolking. Religie werd steeds meer iets waarin geloofd moest worden en verloor zo contact met de bron van waaruit ze is ontstaan: de verbinding met de medemens en de natuur.

De Romeinse wijsgeer Seneca schreef zo’n 2100 jaar geleden al:
    "Religie wordt door simpele mensen beschouwd als waar,
    door wijzen als vals
    en door heersers als nuttig”.
Alle machtigen der aarde wisten dat religie ook een prima middel was om simpele mensen rustig te houden of datgene wat de armen tegenhoudt om de rijken te vermoorden. Het werd de uitvinding van mensen om macht uit te oefenen over hun gelijken. Dagelijks worden we er nog mee geconfronteerd. Denk maar aan 'God Bless America' en het islamitische misprijzen voor de ongelovigen. De geloofsingrediënten zijn hoop en onwetendheid, gebaseerd op de angst voor de dood. En wie bidt vraagt nog min nog meer dat de wetten van het universum ongedaan gemaakt worden voor één enkele verzoeker. Moest ik God zijn, ik zou me ook niks aantrekken van deze egotripperij.
De Amerikaanse satiricus Ambrose Bierce (1842-1914) en Jean-Marie Dedecker zijn dezelfde mening toegedaan ...

In alle godsdiensten zitten elementen die absoluut niet deugen. Religie was/is opium voor het volk, welke religie ook. De religie was een zoethoudertje, niets meer. Vandaag de dag is dat zoethouder echter niet meer de ‘kerk'. We moeten er niet meer naar luisteren als we dat niet wensen te doen.
Het nieuwe 'opium voor het volk' is het consumentisme. Verbras zoveel mogelijk geld, leef er op los, doe het zoveel mogelijk voor jezelf, dat zijn de nieuwe waarden die onder een verzachtend sausje van 'music for lifes' gekocht worden. Geweten weer gesust voor eventjes ...
Het is het begin van een dictatuur van de grijze massa, die denkt wat iedereen denkt, die doet wat iedereen doet, die koopt wat iedereen koopt ...

De  aartsbisschop van de Katholieke Kerk in België, Mgr. Jozef De Kesel, gaf zelf de aanzet tot bezinnen over welke plaats en welke rol religies en levensbeschouwingen te spelen hebben in een geseculariseerde en pluralistische samenleving. In het kader van het rooms-katholicisme had hij het over een 'open kerk', die dan wel haar leidende rol kwijt is en de scheiding van kerk en staat respecteert, maar die wel deel blijft uitmaken van de maatschappij.
En ja, religies en levensbeschouwingen kunnen een meerwaarde betekenen voor de samenleving omdat zij uitgaan van een onvoorwaardelijke solidariteit voor en met de gemeenschap, iets waaraan in deze individualistische tijden een groot gemis is. Ze nemen de zingevende leemte terug in, die de seculiere samenleving nalaat in te nemen.
Een samenleving die het religieuze en het levensbeschouwelijke verbant, neemt dus een sterke verbindende schakel weg en opent de weg naar een ongebreideld individualisme en slaafs consumentisme. Daarbij dreigt het actief pluralisme op de helling gezet te worden en de open ruimte aan radicale elementen over te laten.

Het is goed godsdienst en geloof te begrijpen als een bijzonder complexe menselijke poging om het bestaan richting en zin te geven.
Aarzelende gelovigen (christenen, joden, moslims, …) hebben de waarheid niet in pacht en zijn nog steeds op zoek naar de zin van hun leven. Dat is veel zinvoller dan al die zelfverzekerde gelovigen die elk hun eigen belangen menen te moeten opeisen in de samenleving.

 

Eigenaardigheden die de perceptie van religies bepalen.

De letterlijke interpretatie van de heilige boeken uit een totaal andere tijd en in een compleet andere context geschreven, zorgden en zorgen nog steeds voor heel veel miserie.
De belangrijkste drijfveer van iedere religie is de angst voor de dood. Dat wordt de volgelingen hard ingepeperd zodat de religieuze leiding dan zelf de wetten kunnen stellen die zogezegd naar een vredevol hiernamaals leiden. En meteen knijpen ze het leven in het hiernumaals compleet af.
Lijden is nu eenmaal een onderdeel van het menselijk bestaan: we kunnen het hooguit onder ogen zien en proberen het te verlichten. Het is zeker geen straf voor een of andere zonde. Maar beweren dat er iemand aan het kruis stierf om mijn zonden, is pure volksverlakkerij.

Barmhartigheid en rechtvaardigheid, twee religieuze items, zijn als een tandem. Rechtvaardigheid heeft vooral met structuren te maken, barmhartigheid veeleer met de relatie tussen mensen. Ze kunnen in onze maatschappij veel lijden verzachten.

Sedert de Franse revolutie was sterven voor je geloof niet langer nobel, sterven voor je natie wel.
De Holocaust echter heeft in Europa het 'sacrale nationalisme' grotendeels gediscrediteerd, waardoor sterven voor het vaderland niet langer gezien wordt als nobel. Tegelijk lijkt er een heropstanding bezig van de idee dat sterven in naam van God wél noodzakelijk is.
Herken je ook die golfbeweging?

Ik, en met mij vele christenen, hebben al heel lang het gevoel, dat op zondag de kerken het bestaan van een God verkondigen, die echter in het dagelijkse leven op geen enkele wijze terug te vinden is.
Ter vergoelijking moet gezegd dat het menselijke bestaan een feit is en de vraag naar het wezen van het universum, God dus, wordt overstemd door de vele problemen van het dagelijkse leven.
Het doet mij onwillekeurig denken aan het lied ‘Boer Bavo’ van Miel Cools
     https://youtu.be/nhv3ASn43rQ
     http://www.scip.be/index.php?Page=Kleinkunst&Lang=NL&Song=Boer%20Bavo

En tenslotte heeft men in onze audio-visuele tijd de grootste moeite te erkennen dat men god kan denken en kennen zonder Hem op enigerwijze voor te stellen.

 

Godsdienst gesubsidieerd?

Vrijheid van religie betekent dat de overheid zich niet mag inlaten met de religie zelf. Het komt de overheid niet toe om te beslissen wat orthodox is en wat niet. Dit maakt van de vrijheid van religie een mensenrecht van een heel bijzondere aard.
Mensenrechten kunnen nooit gebruikt worden om andermans mensenrechten te beperken of te vernietigen. Klassiek voorbeeld: wie racistische uitspraken doet, kan geen beroep doen op de vrije meningsuiting.
Voor de vrijheid van religie geldt dit blijkbaar niet. Religies hebben een recht op vrije organisatie. Op grond van dit recht mogen religies de mensenrechten zomaar opzij schuiven, zo ook de gelijkheid man­-vrouw.
Waarom wordt vrijheid van religie altijd met andere standaarden beoordeeld dan de vrije meningsuiting?

In zowat elke godsdienstorganisatie worden fundamentele waarden als niet-­discriminatie op basis van geslacht en geaardheid nog steeds compleet genegeerd. Dat zou bij eender andere vereniging gesteund met uw belastinggeld compleet onaanvaardbaar zijn.
Het is toch een paradox dat een overheid religies erkent en subsidieert die een fundamenteel recht als de gelijkheid man­-vrouw niet naleven in hun interne organisatie? We moeten de plaats van de religie in onze maatschappij op een nieuwe leest schoeien en dat zal niet zijn door aan de religies meer plaats te geven, maar net door de religie te behandelen als wat ze daadwerkelijk is: een privé-­aangelegenheid.

"Ik heb liever volle kerken die publiek mee worden gefinancierd dan garageboxen waar misschien activiteiten worden ontwikkeld die ingaan tegen de samenleving", zo formuleerde CD&V­-fractieleider Servais Verherstraeten het.
Ach kom, garagebox-activiteiten krijg je nooit onder controle wat hun activiteiten ook zijn. Maar Turkse Diyanet-moskeeën die gesubsidieerd zijn en zich niet aan de wet houden, daar durft meneer Verherstraeten niet aan raken. CD&V-mistspuierij zoals we dat van hem gewoon zijn.
CD&V-voorzitter Wouter Beke verwijt wie tegen de huidige subsidiëring is van een ideologische agenda.
En zijn agenda is dat niet? Wie gelooft dat nog? Nooit gehoord van: wiens brood men eet, diens woord men spreekt!

Dus ondanks het feit van de scheiding van kerk en staat financieren we via onze belastingen levensbeschouwingen en religies. Zelfs die waarmee we geen enkele band hebben of wensen te hebben. En daarbij worden die subsidies gegeven zonder enige democratische inspraak in de bestemming en het gebruik ervan.
Het gevolg is dat hierdoor gesubsidieerde religies en levensbeschouwingen worden ‘verketterd’ omdat materiële en financiële belangen de inhoud verdringen.
De critici van het huidige levensbeschouwelijke financieringssysteem hebben overschot aan gelijk. Het systeem is niet up-to-date, het is onrechtvaardig, het is geenszins representatief, het kost veel geld, het discrimineert en is zo complex dat enkel ingewijden het verstaan. Meten is weten, maar in deze is dat niet zo eenvoudig: wat meet je en hoe doe je dat?

Een probleemanalyse is slechts de eerste stap. Daarna moet er naar oplossingen gezocht worden. Van nul kun je niet beginnen, hoe graag je dat soms ook zou willen. Hoe los je dat dan op? Verderop bij remedie komen oplossingen aan bod.

Is godsdienst de oorzaak van geweld?

In deze is onderstaand boek interessant om lezen
ARMSTRONG, Karen / In naam van God: religie en geweld .- De Bezige Bij .- 640 blz. .- ISBN 978 90 234 8877 4

Het geweld, zegt Armstrong, hangt niet samen met een bepaalde cultuur of levensovertuiging, maar keert terug in elke maatschappelijke en economische organisatie – sinds het ontstaan van de landbouw en van de sedentaire samenleving – en wordt in de regel gedreven door economische noodzaak of ambitie.

Maar toch kan een godsdienst ook hierin een belangrijke rol spelen, het versterkt en legitimeert immers het streven naar oorlog of vrede.
Ze geeft het ene na het andere voorbeeld van heersers, dissidenten of opstandelingen die hun oorlogen, plunderingen of verzetsgeweld legitimeren met de theologische argumenten van hun tijd en traditie.
Maar ze geeft ook evenveel en even diverse voorbeelden van groepen en geleerden die geweld afwijzen, op basis van hun eigen theologische analyses van dezelfde religieuze tradities.

Karen Armstrong schreef haar boek als antwoord op de overtuiging van strijdbare atheïsten dat religies verantwoordelijk zijn voor het meeste en gruwelijkste geweld dat de wereld teistert. Het is voor haar dan ook belangrijk om duidelijk te maken dat de verwijdering van religie uit de publieke sfeer en vooral uit het staatsbestuur niet geleid heeft tot minder geweld. De ruimte die vrijkwam werd immers meteen ingevuld door de verabsolutering van de natie als hoogste goed en als onbetwistbare reden om voor te strijden en te sterven.

Haar raad aan de VN-Veiligheidsraad om een einde te maken aan het geweld, en meer bepaald religieus geïnspireerd geweld?
Vertrek van het principe dat alle mensen gelijk geschapen zijn en pas dat toe. Doe hierbij een beroep op de gulden regel, zoals Confucius hem als eerste formuleerde: leg anderen niet op wat je zelf niet verlangt.
Het Westen doet dat voortdurend: met financiële en militaire macht zaken opleggen aan anderen die we zelf echt niet zouden verlangen. De wereld blijft geen bewoonbare plek, tenzij we alle mensen, of we hen nu graag hebben of niet, of ze onze belangen dienen of niet, echt gelijk gaan behandelen.

 

Een vals dilemma: geloof versus wetenschap

Gelovigen hechten veel waarde aan heilige boeken en die hebben het nadeel om oud te zijn en, op wat tekstexegese van scriptuurmonniken na, meestal weinig geactualiseerd te worden. Wetenschappers daarentegen gebruiken een methode gebaseerd op empirische waarnemingen en op een experimentele methodologie. Geloof en wetenschap zijn dus twee compleet verschillende dingen.

Een wetenschappelijke verklaring, die geen waardeoordeel maar een empirische bevinding is, verschilt naar aard volledig van het religieuze dogma.
Het feit of God al of niet bestaat, behoeft geen wetenschappelijk bewijs, want dat is verspilling van tijd en energie. Het is hoogstens interessant als filosofische discussie.

Natuurlijk is nog bijlange niet voor alles een wetenschappelijke verklaring voorhanden en geloof biedt dan een oplossing voor diegenen die niet kunnen leven met de openstaande vragen en de bijhorende onzekerheid.
Maar op termijn zorgt deze houding voor toekomstige problemen. Want door geloof opgestelde dogma’s worden later door de wetenschap wel eens ontkracht.
Ongelovigen hebben het hierin een pak gemakkelijker want zij verkiezen echter het (nog) niet-weten boven het onjuiste (verzonnen) antwoord.

Het is spijtig dat gedurende eeuwen zoveel bloed is vergoten voor het beschermen van absurd (on)wetenschappelijke dogma's en nog triester is het dat briljante carrières (deels of volledig) verspild zijn omdat het onderscheid tussen geloof en wetenschap niet consequent gemaakt werd.