about
Toon menu

Energie/bloedarmoede

zaterdag 31 oktober 2015
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Een nieuwe dag, een nieuw verbazingwekkend feitje over de Turteltaks. Wie in een appartementsgebouw woont zal deze taks twee keer doorgerekend krijgen. Het komt bovenop de analyses van de voorbije dagen. Dat mensen met een sociaal tarief een verhoging van 57% op de energiefactuur mogen verwachten, meer dan mensen met een commercieel tarief. Of dat ook kraantjeswater duurder zal worden, in dezelfde week dat aangehaald wordt dat steeds meer gezinnen schulden opbouwen bij de watermaatschappij en afbetalingsplannen aanvragen.

Volgens recente cijfers zouden ongeveer 750.000 gezinnen in België, dat is 1 op 7 huishoudens, af te rekenen hebben met energiearmoede. Men wordt bij deze categorie gerekend als men meer dan tien procent van het inkomen moet gebruiken om zich te verwarmen. Tien procent lijkt misschien te doen, maar wat je uitgeeft aan energie, is niet meer gevrijwaard voor andere basisbehoeften, zoals voeding, kledij en huishuur. Want ja, dat energiearmoede vaak voorkomt bij huurders is geen nieuws.

Daarnaast zijn er ook een aanzienlijk aantal gezinnen met budgetmeters voor elektriciteit (+- 42.000) en aardgas  (+- 28.000). Dit wordt vaak geïnstalleerd als voorwaarde om bij de 'sociale leverancier' terecht te komen en houdt meteen een specifieke regeling voor het afbetalen van schulden is. Bij een budgetterminal is het de bedoeling dat je voor een bepaald bedrag gas of elektriciteit oplaadt. Heb je schulden, gaat er automatisch een bepaald percentage af voor schuldafbouw. Hier wordt geen rekening gehouden of het winter is of niet. Zo kan het dus zijn dat je voor 50 euro elektriciteit oplaadt, maar maar voor 30 euro krijgt. Voor elektriciteit bestaat een recht op een minimumlevering, iets wat voor gas en water niet mogelijk is om technische reden. Daar is een afsluiting dus daadwerkelijk de kraan dichtdraaien.

Mensen met een laag inkomen huren vaak omdat ze niet over voldoende middelen beschikken om een eigen huis te verwerven. Ook gaat er sowieso verhoudingsgewijs een groter deel van hun inkomen naar energie. De factuur ligt vaak ook nog eens hoger als ze wonen in slecht geïsoleerde woningen, wat ook geen uitzondering is op de privé-huizenmarkt (en ook bij sociale woningen is dat helaas het geval).

Je kan dan afkomen met een hoger bedrag op het loonstrookje en zeggen dat daarmee eventuele meerkosten worden gecompenseerd. Dat is waar, als je ervan uitgaat dat die meerkosten enkel bij energie liggen, wat helaas niet het geval is. Voor de mensen met een sociaal tarief, vaak leefloners, geldt dit zelfs niet. Zij moeten hopen op de belofte om de uitkeringen op te trekken tot het niveau van de Europese armoedegrens. Zo niet verzuipen ze helemaal. Dat beschermde afnemers maar 25 euro moeten betalen is op de schaal der dingen niet meer dan een doekje voor het bloeden.

Ook kan je niet stellen dat de bijkomende lasten en taksen er zijn om gedragsverandering te stimuleren. Het zijn allemaal bedragen die bovenop het verbruik komen. Mensen die zuiniger zijn, worden hier dus niet voor beloond. En we kunnen niet voorbij aan het feit dat energie een basisbehoefte is, net zoals water. Je kan als partij zoveel als je wil afkomen dat je mensen vleugels wilt geven en dwepen met de vrijheid om je loon te besteden, maar dit beleid versterkt energiearmoede, een niche binnen de armoedebestrijding die nochtans verstrekkende gevolgen heeft, zowel positief als negatief.

En of het belangrijk is om iets te doen aan energiearmoede. De gevolgen zijn namelijk niet enkel financieel. Mensen in energiearmoede worden vaker ziek en hebben last van fysieke, maar ook mentale kwalen. Het heeft een effect op hun sociaal netwerk. Mensen in energiearmoede ontzien vaak bezoek, omdat ze de thermostaat nu eenmaal niet lekker hoog kunnen zetten en ze zich schamen om mensen te ontvangen in 18 graden of minder. Ook worden er vaak kredieten aangegaan om noodzakelijke aankopen te kunnen doen, en niet, zoals vaak wordt aangenomen, voor zogezegde nutteloze luxeproducten.

Van alle pijlers die op een gezinsbudget wegen is energiearmoede nochtans datgene waar mits visie en inzet relatief makkelijk kan worden ingegrepen. Een eerlijkere spreiding van taksen en lasten op energie is daarvan het makkelijkst en kan makkelijk van bovenaf worden geïnstalleerd. Intensief inzetten op begeleiding, bijvoorbeeld bij het zoeken naar de goedkoopste leverancier, kan ook al op jaarbasis enkele honderden euro’s winst opleveren. Lokale besturen en intergemeentelijke samenwerkingsverbanden spelen hierin een cruciale rol En het is af te wachten of de verplichte normen inzake isolatie ook gaan worden opgevolgd. Op dit moment komen huisbazen vaak weg met een laksheid waar hun huurders voor betalen. Nochtans zijn er bv. sociale dakisolatieprojecten waarbij verhuurders amper iets moeten betalen voor hun investering. Maar ook hier lijkt de regering vast te houden aan haar credo dat huurders blij mogen zijn dat verhuurders zo vriendelijk zijn hen te willen huisvesten. De hiërarchie is duidelijk.

Ten slotte toont dit ook nog eens mooi dat de strijd tegen kinderarmoede een nietszeggende marketingtruc is. Je kan geld pompen in projecten, overlegplatformen, gezinsondersteuning en andere initiatieven om kinderen in kansarme gezinnen te helpen, maar je moet maar kijken naar het energiebeleid om te weten dat dit larie en apekool is. Langs de ene kant vloeit er geld om kinderen te versterken, langs de andere kant zullen hun ouders in nog grotere budgettaire moeilijkheden komen omdat de energiefactuur hen dwingt nog meer keuzes te maken. En werd de armoedetoets op de turteltaks toegepast? De vraag stellen is ze beantwoorden.