about
Toon menu
Waakvlam van de vrijzinnigheid

Debat over eenheidsvak levensbeschouwing

maandag 9 mei 2011

Op verzoek van de moderator, Eddy Bonte, stellen de sprekers eerst individueel hun standpunt voor.

Patrick Loobuyk

Ik heb twee doelstelllingen. Ten eerste wil ik de discussie over de levensbeschouwelijke vakken aanzwengelen, want hoe het nu georganiseerd wordt, is passé. Dit kan verbeteren. We bereiken de oorspronkelijke doelstellingen niet meer, omdat we de vakken organiseren vanuit het schoolpact dat 50 jaar oud is. Het schoolpact komt uit een verzuild Vlaanderen en is vandaag de dag niet meer zinvol. Tegenwoordig zijn we ontzuild. Het schoolpact komt bijvoorbeeld uit een tijd zonder moslims. Er is nu een veel grotere variëteit aan religies. De secularisering zet zich door. Er is een nieuwe context ontstaan,  waar we voor de organisatie van de levensbeschouwelijke vakken rekening mee moeten houden.

Ten tweede heb ik ook een concreet voorstel. Ik pleit voor de invoering van een algemeen vormend plichtvak, voor iedereen in alle netten, van 6 tot 18 jaar over levensbeschouwing en filosofie.  Ik zal dit vak voorlopig “LEF” noemen. Dat vak moet objectief, kritisch en pluralistisch van invulling zijn. Dit is mogelijk: de Europese Commissie stelt dat je onderwijsvakken verplicht kan maken op voorwaarde dat ze objectief, kritisch en pluralistisch zijn. Dit vak moet vervolgens op een onafhankelijke manier georganiseerd worden; niet vanuit de zuilen, vanuit de kerk etc. Levensbeschouwing is het object van studie in dit vak. Het wordt gegeven door mensen die iets van levensbeschouwing weten en erover gestudeerd hebben. Er moet een volledig corpus van leerplannen en eindtermen ontwikkeld worden, aangestuurd vanuit de overheid.

Dit vak moet ook in het vrij onderwijs gegeven worden. 83% van de leerlingen volgt nu rooms-katholieke godsdienst, terwijl Vlaanderen volledig geseculariseerd is en de levensbeschouwelijke gevoeligheid verdwenen is. Docenten rooms-katholieke godsdienst voelen het aan als een probleem, dat ze zo’n geseculariseerd publiek hebben. De leerplannen zijn veranderd in 2000. Nu staat daar in dat het vak maximaal rekening moet houden met pluraliteit. Maar het christendom blijft de ultieme toetssteen. Dit geeft een dubbelzinnige situatie, waarin leerkrachten nauwelijks nog over God durven te spreken. Léonard heeft gelijk, rooms-katholieke godsdienst is een allegaartje geworden. Een andere aanpak zou kunnen zijn dat in dit vak vooral wordt aangeven waarom het christendom belangrijk is om onze (christelijke) cultuur te begrijpen. Daar kan dan ook de relatie tussen het christendom, religie en de Verlichting aan bod komen.

De huidige structuur waarin de levensbeschouwingen zitten in het officieel onderwijs is bijzonder duur en onpraktisch. Leraren protestantse godsdienst staan niet zelden in vijf of meer scholen. Er ontstaat een steeds verdergaande levensbeschouwelijke segregatie (behalve de erkenning van de anglikaanse godsdienst,  die in heel Vlaanderen maar door enkele leerlingen wordt gevolgd en enkel erkend is vanwege de relataties van het koningshuis met Engeland, wordt binnenkort ook het boeddhisme erkent). Waarom kunnen die leerlingen niet samen zitten? We hebben de mond vol over interculturele dialoog etc., maar als levensbeschouwing in de praktijk komt zetten we de leerlingen blijkbaar apart?

Dan is daar nog de problematiek van het islamonderwijs. Als je islam wil geven moet je moslim zijn, maar er is geen opleiding voor. Je kunt geen Master in de Moslimkunde gevolgd hebben. Er zijn 2 opleidingen regentaat islam, maar de uitstroom is te klein om de vraag naar islam te dekken. Leerlingen die islam kiezen krijgen regelmatig  slecht les, omdat de leerkrachten theologisch onvoldoende geschoold zijn. Er bestaan schrijnende gevallen waarin de leraren de Nederlandse taal niet spreken. Sommige mensen stromen uit uit het zevende jaar en keren enkele jaren later terug als leraar islam. Er bestaat een regeling die voorschrijft dat in noodgevallen iemand kan worden aangeworven die de taal onvoldoende machtig is.

Waarom stel ik zo’n vak voor als vrijzinnige? In het vak zit filosofie, levensbeschouwing, ethiek en burgerschapsvorming. Het vak wordt twee uur in de week gegeven aan iedereen van 6 tot 18 jaar. Ik meen dat zo’n vak onderdeel is van de algemene Bildung, de algemene persoonsontwikkeling. Ik meen dat iedereen recht heeft op begeleiding in zijn of haar levensbeschouwelijke zoektocht. Dit is een waardevol recht, en daarom pleit ik daarvoor als vrijzinnige.

Sonja Eggerickx

Ten eerst wil ik één misverstand rechtzetten: het is niet onder impuls van Loobuyck dat er samen gewerkt wordt door de levensbeschouwelijke vakken. De commissies om samen te werken zijn al zeer oud, al zeker zo’n 30 jaar geleden opgericht.

Waarom is het systeem zoals we dat hebben volgens mij een goed systeem: we hebben een verzuilde samenleving. De meerderheid van de leerlingen zit in het katholiek onderwijs. We hebben dat toegestaan. We zijn tot het besef gekomen dat dat mag en daar gaat de vrijheid van pedagogisch project mee samen. Het pedagogisch project in het katholiek onderwijs wordt geïnspireerd door de christelijke leer. Dit geldt voor alle vakken. Als je één levensbeschouwelijk vak wil geven, wil ik daar wel over discussiëren als het vrij onderwijs wordt afgeschaft. Zolang het vrij onderwijs een eigen pedagogisch project heeft, mag het ook een project schrijven voor die uren levensbeschouwelijke vakken.
Het systeem zoals wij dat kennen heeft enkele belangrijke voordelen. Zo wordt ethiek gegeven vanuit een bepaalde levensbeschouwing. Als je een bepaalde levensbeschouwing kiest dan weet je wat je te horen krijgt. De leraar staat voor die levensbeschouwing. Je moet je eigen levensbeschouwing kennen als je erover wil discussiëren. Je moet weten vanuit welk kader je vertrekt.

Kindjes in de lagere school kunnen leren dat ze in één klas zitten, maar dat ze toch niet allemaal gelijk zijn. Daarmee vormt de schoolsituatie een afspiegeling van de maatschappij, waarin ook niet iedereen gelijk is. Mensen werken samen een project levensbeschouwing uit. Zo leren ze iets te vertellen over hun eigen levensbeschouwing. We moeten niet pleiten voor grijze mensen. Hoeveel mensen zijn er naar een officiële school geweest? Hebben die mensen wel eens ruzie gehad over hun levensbeschouwing?

De opdeling van leerlingen is inderdaad een probleem voor lesroosters. Maar niet enkel vanwege katholieke godsdienst en niet-confessionele zedenleer, maar omdat je voor élk vak een andere docent hebt. Dit is een duur systeem. De beste manier om geen duur onderwijs te hebben is door het onderwijs af te schaffen of het onderwijs privé te maken.

Een collega in Engeland prees ons systeem: “In België zijn jullie tenminste actieve pluralisten.” Ik geloof niet in objectiviteit. Tegenwoordig zijn er ook protestanten die voor neo-creationisme zijn. De rechten van mens zijn een belangrijk ijkpunt, maar ik moet niet zeggen “jij denkt verkeerd, en ik denk juist.”

Verschillende levensbeschouwelijke vakken leiden tot een informeel klimaat, waarin mensen echt kunnen zeggen wat ze denken. Een eenheidsvak zou ik zien zitten in een ideale wereld, maar daarin leven we niet. In de tussentijd kunnen de voorstanders daarvoor alvast leerplannen ontwikkelen, methodieken uitwerken en leraren opleiden. Niet-confessionele zedenleer heeft ook problemen gehad met het opleiden van leraren, islam ook. Zoiets gaat met vallen en opstaan.

Ten slotte wil ik daar nog aan toevoegen dat ik hier niet voor pleit om mijn job te behouden, want ik moet toch stoppen binnen enkele jaren.


Eddy Bonte stelt vervolgens aan elke spreker drie vragen. Eerste vraag aan Loobuyck:

U zegt dat het verzuild systeem passé is. Maar er komen steeds meer leerlingen voor islam. De Guimardstraat (zetel van het katholieke vrij onderwijs in Brussel, DO) wil het ook weer katholieker. Vrijzinnigen zijn voor de multiculturele samenleving. Is het verzuild systeem wel zo onaangepast aan onze tijd?

Loobuyck: Ja, het systeem is niet aangepast aan de huidige tijd. De verzuiling neemt niet af, omdat we in een verzuild systeem zitten. De verzuiling wordt zo geïnstalleerd. Er zijn vrijzinnigen die het spel van de verzuiling meespelen en die dat niet willen meespelen. Religie is heel aanwezig in het maatschappelijke debat. Daar wordt uit geconcludeerd dat God terug is. Dit klopt niet. Het katholieke Vlaanderen  is definitief voorbij. Guimard voelt de tijd aan. Er is een groot probleem voor de leerkrachten rooms katholieke godsdienst, de inrichtende macht etc. Het is passé, de katholieken zijn bijna allemaal uitgestorven. Hoe kan je als vrijzinnige nu tegen vrijheid van onderwijs zijn? We moeten het vrij onderwijs pluraliseren. Dit kunnen we doen door LEF: een plichtvak in het curriculum van het vrij onderwijs. Dit kan opgelegd worden door de overheid. De overheid kan ook leerdoelen opleggen aan het vrij onderwijs. De sociologische realiteit is dat de vrije scholen pluralistisch zullen worden.

Door wie wordt uw idee verder gedragen?

Loobuyck: Als je alleen de zuilen aan het woord laat krijg je een vertekend beeld van het reële draagvlak voor het idee. Als ik iets schrijf komt er meteen reactie van Eggerickx en de Guimard. Laat ons de ouders eens aan het woord! Ik denk dat er draagvlak is bij ouders. Dat zou eens onderzocht moeten worden. Ouders kiezen niet meer voor de levensbeschouwelijke vakken omwille van die levensbeschouwelijke redenen. Ouders kiezen om uiteenlopende redenen voor de levensbeschouwelijke vakken. Er zijn vrijzinnige ouders die hun kinderen naar protestantse godsdienst sturen. “Dan leren ze nog iets over de Bijbel en krijgen ze nog eens een mannelijke leerkracht.” De keuze voor het vrij onderwijs heeft zelfs helemaal niets meer met levensbeschouwing te maken.

Ten tweede: vraag de directeurs van het gemeenschapsonderwijs eens anoniem wat ze van het idee vinden. Ik denk dat we ook daar draagvlak zullen zien.

We moeten toch eerst iets veranderen in het vrij onderwijs? Waarom moet dat debat beginnen bij dat vak?

Loobuyck: De discussie begint niet bij het vak. Het begint bij onderzoek naar de kerk-staat verhoudingen. Onderwijs is zeer belangrijk. Mensen moeten op autonome wijze met levensbeschouwing omgaan. We kunnen het niet tolereren dat geloofsafvalligheid een probleem is (zoals bijv. in de islam). Nu gaat het over het vak, maar het kan ook over andere dingen gaan.

Met het argument “Kijk eens hoe open ons systeem is”, wordt steeds gewezen op belang van de godsdienstvrijheid. Maar in het belang van de godsdienstvrijheid voeg ik iets aan de levensbeschouwelijke vakken toe: een vak filosofie en levensbeschouwing.

Vervolgens stelt de moderator vragen aan Eggerickx.

Moet de scheidingslijn tussen levensbeschouwingen altijd religie zijn? Kan het ook om ideologieën gaan, zoals het marxisme of de counterculture uit de jaren zestig?

Eggerickx: Religie staat niet in tegenstelling tot, maar naast de vrijzinnige levensbeschouwing. We spreken niet over godsdienst en zedenleer, maar over levensbeschouwingen, rooms-katholieke godsdienst. Ook de godsdiensten geven een levenskader, een ethiek, mee. Goed, het systeem zoals we dat hebben is historisch gegroeid. Daar kunnen we over discussiëren, over die achtergrond. Maar ons systeem werkt vandaag.

De deelname aan het vak niet-confessionele zedenleer blijft gelijk. Werkt zedenleer wel?

Eggerickx: In het leerplan is ruimte voor het leren kennen van andere levensbeschouwingen, maar natuurlijk ook over andere dingen. Als je vroeger iets durfde te vertellen over een godsdienst, kreeg je klachten van de leerlingen en de ouders. “In zedenleer moet niet gesproken worden over die goden.” Maar de essentie van het vak blijft dat het wetenschappelijk denken en de wetenschappelijke methode nooit opzij wordt gezet.

Maar de levensbeschouwelijke geletterdheid blijft wel zeer laag, is dat geen probleem?

Natuurlijk is dat een probleem. Maar die geletterdheid kan niet verworven worden via theoretische lessen. Dit moet gebeuren op een aangename manier.

Dan houden de sprekers nog een gemeenschappelijk debat.

Bonte: Wat me stoort aan uw voorstel is dat het weinig creatief is: weer een verplicht vak, met een leraar, 2 uur per week etc. Moeten we het idee niet meteen doordenken?

Loobuyck: Ik ben geen pedagoog. Ik stel me op dat vlak bescheiden op. We hebben het nu over het vak, niet over de filosofie van het onderwijs. Natuurlijk moet het geen steriel vak worden, maar als ik nu iets voorstel moet dat natuurlijk een vak zijn, in dit systeem. Natuurlijk wil ik graag rond een tafel zitten met creatieve mensen. Ik zie niet welk alternatief u voorstelt? Al die vakken afschaffen of zo?

Bonte: Het is toch de bedoeling dat mensen als ze 18 jaar zijn over een aantal vaardigheden beschikken. Het stoort mij dat men verwacht dat dat op een school gebeurt tussen 8 en 4.

Loobuyck: Ik heb nog geen inhoudelijke antwoorden van de vrijzinnigheid gehoord.

Eggerickx: Ik denk dat mijn argumenten wel inhoudelijk zijn: leerlingen moeten eens leren over hun eigen levensbeschouwing (of zouden moeten); ze worden geconfronteerd met het feit dat ze naast elkaar én samen leven. Als je de leerplannen bekijkt dan staan daar serieuze dingen in. Akkoord, niet iedere leraar geeft dat goed, maar dat geldt voor elk vak.

Loobuyck: Goed, het zijn inhoudelijke argumenten, maar ze zijn niet overtuigend. Akkoord, ik heb geschreven dat vrijzinnigen geen inhoudelijke argumenten hebben. Maar ik moet dingen lezen over mezelf in blaadjes als De Geus en op de site van het ribz (inspectie n.c.zedenleer, DO) die persoonlijk zijn: ik zou ik Leuven hebben gestudeerd en een trauma opgelopen hebben. Ik zou een instituut hebben om mensen klaar te stomen voor mijn vak interreligieuze dialoog. Ik heb zo’n instituut helemaal Dit zijn argumenten op de man.

De doelstellingen die Eggerickx als inhoudelijk argument voor het systeem geeft kunnen ook bereikt worden in het vak dat ik voorstel: kinderen kunnen leren over de eigen levensbeschouwing en zien dat verschillende leerlingen naast elkaar leven.

Bonte: Ik wil Siegfried Bracke citeren die zegt dat vrijzinnigheid is in de samenleving van vandaag de norm is. Wat vinden jullie daarvan?

Eggerickx: Ik geloof dat niet, kijk maar naar de nieuwe grondwet in Hongarije, vrijzinnigheid heeft nog een lange weg te gaan.

Loobuyck: Vrijzinnigheid kan van alles beteken. Dat moet gespecificeerd worden. Als vrijzinnigheid betekent, de secularisering van de samenleving dan heeft Bracke gelijk. Maar ik ben van mening dat elke leraar levensbeschouwing recht zou moeten hebben op een Bracke-moment: je moet van gedachte kunnen veranderen. Het vak dat ik voorstel houdt een bescherming in op de godsdienstvrijheid van de leraar. Hij zou enkel moeten weten waarover hij spreekt. In het huidige systeem zijn leraren niet vrij om levensbeschouwelijk te denken wat zij willen.

Vragen uit de zaal.

Redacteur De Geus: Denkt u dat het katholiek onderwijs geneigd zou zijn dit te aanvaarden? Bovendien, de verzuiling is nog niet voorbij. Er zijn nog steeds verzuilde vakbonden. Met Léonard keren de katholieken ook weer terug naar hun basis.
Loobuyck: Het vak dat ik voorstel is geen gepraat over godsdienst. Het is religious study based religious education. Er moet vanuit een kritische objectieve manier naar religie gekeken worden. Het is mogelijk om neutraal over levensbeschouwing spreken.

Godsdienstkritiek is mogelijk. Zo kan je spreken over het verband tussen godsdienst en geweld. Is het mogelijk om bijvoorbeeld politiek neutraal zijn? Natuurlijk niet. Iedereen kent Carl de Vos. Wij noemden die altijd Carl de Sos. Natuurlijk kan die ook les geven over liberalisme. Godsdienstleerkrachten zijn niet bezig met catechese. Ze proberen de leerlingen te begeleiden in hun zoektocht naar het omgaan met levensbeschouwelijke vragen.

Eggerickx: Wat de neutraliteit betreft: ja, een leraar kan neutraal spreken. Maar in elke levensbeschouwing wordt er niet enkel over de theorie van de levensbeschouwing gepraat, maar er worden ook ethische gedragingen bekeken vanuit een bepaalde levensbeschouwing. In katholieke godsdienst komt niet meer enkel de leer van Jezus Christus aan bod. Er wordt ook over maatschappelijke problemen gesproken, maar de oplossingen zullen toch anders zijn in niet-confessionele zedenleer. Ik kan niet op een neutrale manier uitleggen dat euthanasie uit den boze zou moeten zijn, want dat vind ik niet.

Wouter, lid 't Zal Wel Gaan: Aan de ene kant horen we hier volgens mij een zeer conservatieve vrijzinnigheid, die het wat betreft zijn positie duidelijk op zijn gemak heeft. En aan de andere kant zien we een jonge professor die met een nieuw idee komt en nauwelijks het woord krijgt in het maatschappelijke debat. Is dit een vrijzinnige lente van een conservatief blok tegenover een progressieve professor?

Loobuyck: Ik voel me inderdaad wel fris. Ik zou geen vrijzinnige zijn als daar niet verschillende opvattingen in zouden zitten. Ik begrijp wel waarom dat systeem zo is ontstaan in het katholieke Vlaanderen van destijds. We leven nu in een andere samenleving en we moeten leren vooruit te denken. Dat doen we ook al wel. Maar institutioneel is er nog een discrepantie. Ik dacht eerst dat alle leerlingen die in de moraalwetenschappen zaten een goede band hadden met de vrijzinnige zuil. Maar een substantiële groep van die studenten vindt die zuil een conservatieve groep. Er wordt tegenwoordig op een andere manier over vrijzinnigheid gesproken.

Eggerickx: Ik voel me wel conservatief, omdat ik het systeem wil behouden zoals het is. Ik ben het er ook wel mee eens dat de Unie niet altijd de schwung aan neemt die ik zou willen. Maar niet alleen jonge mensen hebben natuurlijk het recht van spreken. Dat gaat allemaal niet zo snel. Ik heb niets tegen ‘t Zal Wel Gaan. Jullie zijn een van de stichtende leden van het UWV. Dus ik nodig jullie uit mee te helpen duwen in de progressieve richting.

Pieter, lid 't Zal Wel Gaan: Het voorstel is interessant om uit de halfslachtigheid te geraken waar de vrijzinnigheid in zit. In de scholen moet  geprobeerd worden de particuliere beleving weg te houden, zorg ervoor dat de school een publieke functie heeft. Ik onderschrijf het vak volkomen. Ik denk dat het enkel vitaal kan zijn als elke cultuur buiten de scholen met een hernieuwde intensiteit beleefd kan worden. Dus ik ben voor een vrijzinnige lente om ons uit de institutieslaap te trekken. Ik zou ook graag meer initiatieven vanuit de gemeenschap zien. Wat denkt u ervan om het voorstel constructiever te maken door het te verbinden aan een vitaal cultuurleven buiten de scholen?
Eggerickx: Daar kan ik inkomen, maar als je ontzuiling wil moet je beginnen met de ontzuiling. Als onderwijs écht pluralistisch is -  namelijk niet meer gebaseerd op een pedagogisch project – dan bestaat er de facto geen vrij onderwijs meer. Maar het is hun recht. Ik ben ook een mei-68er. Ik pleit ook voor verbeelding terug in de scholen. Maak een nieuwe mei 68!

Kathlijn: Natuurlijk willen we het vrij onderwijs ontzuilen. Maar waarom moeten wij ons vastklampen aan de zuilen. Kunnen we niet beginnen waar we goed in zijn, met een eenheidsvak in in het gemeenschapsonderwijs?
Eggerickx: Omdat dan 75% van de leerlingen wel recht hebben op discussie en kennis over hun eigen levensbeschouwing en 25% niet.

Loobuyck: Ja, het is moeilijk in het vrij net. Maar we moeten beginnen waar we moeten beginnen.

Tiel Bourgeois, leraar katholieke godsdienst: Kunnen  we niet van de confessionele vakken een keuzevak maken en een eenheidsvak invoeren?
Bonte: Dat is inderdaad het voorstel van Loobuyck.

Eggerickx: Dat hangt ervan af, als je die vakken apart zet en je doet er een vak bij, dan is het goed. Maar de levensbeschouwing mogen niet facultatief worden. Ik heb alle hoop op de jeugd, maar ook weer niet zoveel dat ik denk dat ze massaal voor een facultatief levensbeschouwelijk vak zullen kiezen.

Uurroostermaker KTA Brugge: Mevrouw Eggerickx, u gaat in tegen het argument van Loobuyck over de onpraktischheid van het huidige systeem. Maar veel leerkrachten levensbeschouwing staan in zeer veel scholen. Leraren wiskunde hooguit twee scholen. Dus het probleem is wel degelijk van een andere orde. Loobuyck spreekt van het aanbieden van een vak en daarbij de keuze voor een levensbeschouwelijk vak. Maar veel leerlingen in BSO of TSO hebben nu al een overvolle week van 36 uur.
Loobuyck: Ik voer een pleidooi voor LEF (Links Ecologisch Forum, DO). Wat er met de geëngageerde vakken moet gebeuren wil ik open laten voor verder discussie. Als we van het model afstappen kunnen die geëngageerde vakken misschien ook wel weg. We gaan niet naar een echt laïciteitsmodel, maar het neutraliteitsmodel zal worden afgezwakt. Zo zouden de levensbeschouwingen in het officieel onderwijs bijvoorbeeld de gebouwen mogen gebruiken van de scholen. Dan faciliteer je de levensbeschouwingen, maar niet in het vaste curriculum. De meeste ouders willen ook niet meer die geëngageerde vakken. Je moet eerst aan de ouders vragen of ze dat wel überhaupt willen een geëngageerd vak.

Er ligt hier ook een kans voor de moslims, die willen nog wel geëngageerd onderwijs. Op deze manier komt daarop een betere controle, omdat er niet enkel islamlessen in moskeeën gegeven hoeven te worden.

Bonte: Maar we spreken hier in het Geuzenhuis. Wat heeft de vrijzinnigheid er bij te winnen?

Loobuyck: Inhoudelijk gezien natuurlijk alles. De vrijzinnigheid heeft traditie om op een kritische en autonome manier met zaken om te gaan. Er wordt gezegd: “Loobuyck is onverdraagzaam”. Dit is natuurlijk onzin. Je hoeft niet je hele traditie van kritisch denken overboord te gooien als vrijzinnige!

De verzuiling wordt steeds meer geïnstalleerd. We maken ons klaar voor een heel leger van extra erkenningen van levensbeschouwingen. In West-Vlaanderen is iedereen nog katholiek. In de meeste katholieke organisaties krijgen vrijzinngen echter wel een job. Maar nu gaan we binnen het GO! toch weer alles apart doen. Mijn collega’s zedenleer hebben nu geen leerlingen meer, want 20 leerlingen per klas volgen tegenwoordig islam. Leraren zedenleer worden nu verdeeld over zes of zeven scholen. Alles raakt steeds meer versnipperd. De leerlingenaantallen gaat er niet op vooruit.
Ik heb drie kinderen in het gemeenschapsonderwijs. Wij willen niet tot de vrijzinnige zuil behoren. Er wordt gezegd dat de leerlingen te jong zijn om een zelfstandige levensbeschouwelijke keuze te maken, maar ze zijn blijkbaar niet te jong om in een het zuiltje te zitten. Is er nu echt geen beter argument te bedenken?
Eggerickx: Mensen horen wat ze willen horen. Het kind wordt ergens bij gezet. Zo werkt het systeem. Je moet altijd een beetje een doorsnee van levensbeschouwingen nemen. Je kan niet voor elke ouder een apart vakje maken. Kinderen zullen die vrijheid later nog wel krijgen.

Loobuyck: Ik hoor die vraag inderdaad vaak van ouders: wij herkennen ons niet in die hokjes! Mensen willen niet in die hokjes geduwd worden. Maar mevrouw Eggerickx, een vak naast de levensbeschouwelijke vakken, waarom bent u daar eigenlijk tegen?

Eggerickx: Iemand zal moeten zeggen wat erin gegeven wordt en daarmee krijg je altijd problemen.

Hoe ga je dat inrichten zo’n eenheidsvak inrichting als de eis is dat je neutraal moet zijn?
Loobuyck: De leraar is nooit neutraal. Een leerkracht hoeft ook niet 100% neutraal te zijn. Als je literatuur geeft ben je niet neutraal en dat is ook niet erg! Maar je moet dat op een fijnzinnige manier kunnen overbrengen.

reageer

3 reacties

  • door Liesbet Herbots op dinsdag 6 december 2011

    Bij deze zou ik willen melden dat ik pleit voor het behoud van de levensbeschouwelijke vakken zoals ze nu ingericht worden. En dit omdat ze zeker voor de opgroeiende jeugd een sterke waarde hebben . Uiteraard maken de lln kennis met de andere levensbeschouwelijke vakken en worden daarbij ook de lkrn van de andere levensbeschouwelijke vakken geraadpleegd. Uiteraard wordt hen geleerd om RESPECT te hebben voor andere meningen. Van groot belang is dan ook dat ze dat voorgeleefd zien (Hoe gaan lkrn lbv onderling met elkaar om? Leven ze ook voor wat ze vertellen?). Dit is zeker het geval. Leerlingen hebben trouwens het recht om les te krijgen over hun eigen levensbeschouwing, gegeven door een daartoe opgeleide leerkracht zoals dat nu ook het geval is. Nu spreek ik vanuit mijn eigen vak. Dit is zeker zo voor de lkrn Rooms-Katholieke godsdienst.

    Liesbet Herbots

  • door Moortgat Lieve op dinsdag 6 december 2011

    Ik vind dat de lessen godsdienst in het onderwijs moeten blijven omdat de christelijke godsdienst een onvervangbare waarde toevoegt aan ons onderwijs die door niets kan worden vervangen. Behoud deze lessen a.u.b.

    • door Ineffable op dinsdag 6 december 2011

      Christelijke Godsdienst blijft behouden. De rest niet.