about
Toon menu

Demirtaş vs. Erdoğan: tweemaal Superman in Batman

maandag 18 juni 2018
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Gisteren(*) vertrok ik wat later dan gepland (ok, ik geef toe: ik heb me overslapen). Het liften wilde ook niet zo goed lukken. Toen er voor de zoveelste keer een dolmuş (minibusje; spreek uit ‘dolmoesj’) stopte besloot ik daar dan maar gebruik van te maken. Het is een vrij vlotte en goedkope vorm van openbaar vervoer die erg veel gebruikt wordt door de locals. Ik wil me ook niet vastklampen aan het concept ‘liften’. Zolang ik maar op mijn volgende bestemming geraak en met mensen kan praten. Dat kan evengoed in een dolmuş - dacht ik. De omstandigheden waren gezien de rijstijl van de chauffeur echter niet van die aard dat een gesprek echt mogelijk was.

De eerste dolmuş bracht me van Tatvan tot in Bitlis. Daar stapte ik over op een dolmuş naar Siirt, die me ruim halverwege zijn traject afzette aan een soort pleisterplaats met restaurantje. Ik moest een uur wachten voor de volgende dolmuş naar Batman vertrok (ja hoor, Batman is écht een stad in Turkije!). Daar maakte ik dankbaar gebruik van om iets te eten en een praatje te slaan. De meeste mensen hadden weinig zin om over de verkiezingen te praten. Ze waren meer geïnteresseerd in mijn handboek Turks. Tijdens de rit van bijna anderhalf uur tot Batman studeerde ik nog wat, want dat was me al twee dagen niet meer gelukt.

Eens in Batman aangekomen zocht en vond ik een betaalbaar hotel, het Ögretmenevi of leraarshuis. Ik nam een douche en trok direct de straat op. Het was ondertussen immers al na zes uur. Gezien de ligging van Batman, een eindje weg van de autosnelweg, had ik verwacht dat het een kleiner stadje zou zijn, maar het is duidelijk groter dan Tatvan.

De verkiezingskoorts begint toe te nemen, want ik zie (en vooral: hoor) steeds vaker reclamewagens voor partijen en presidentskandidaten. Ik nam plaats aan een tafeltje in een grote theetuin (çay bahçesi) en bestelde een limonade. Het zat er vol mensen die zaten te praten; sommigen speelden backgammon of dammen.

Tot mijn lichte wanhoop wilde er echter niemand met mij over de verkiezingen praten. De meeste mensen schudden verschrikt van nee en maakten zich uit de voeten zodra ik de vraag stelde. Ik begon me er al bijna bij neer te leggen dat ik vandaag geen stuk zou kunnen schrijven en bestelde dan maar iets te eten. Toen geraakte ik toch nog aan de praat met een van de obers van de theetuin.

“Ik ben een Koerd! Een Koerd is géén Turk!”, zei hij met grote stelligheid. Hij zou op Selahattin Demirtaş en de HDP gaan stemmen, want dat is volgens hem de beste partij voor Koerden. Hij was ook fan van Abdullah Öcalan, de al ruim tien jaar opgesloten leider van de verboden Koerdische Arbeiderspartij PKK. Hij kwam me zelfs een foto van Öcalan tonen om zeker te weten of ik hem wel kende.

Toen ik hem vroeg of je toch niet tegelijk Koerd en Turk kon zijn, gaf hij na enig aandringen toch ook toe dat hij eigenlijk beide was. Het gesprek stokte daarna, want voor elke vraag en elk antwoord hadden we Google translate nodig en bovendien moest hij tussendoor blijven werken.

Toen ik me even later naar binnen begaf, nodigde iemand me in de lobby van het hotel uit voor thee - een aanbod dat je niet mag weigeren in Turkije. De man sprak wat Engels en een paar woorden Duits (hij had in Duitsland gewoond, lang geleden) en had een uitgesproken mening over de politieke toestand hier. Toch zou hij wellicht niet gaan stemmen. Hoewel ook hij een Koerd is, moest hij niets weten van de PKK.

“De PKK verdeelt de mensen hier ongeveer fifty-fifty”, zei hij, “maar ze hebben zelf een miljoen Koerden op de vlucht gejaagd met hun acties, zoals wegbarricades en dergelijke. Ze hebben ook mijn huis afgebroken. De PKK is niet goed voor de Koerden!” Hij nam duidelijk geen blad voor de mond. Volgens hem zijn de stemmen in deze regio ongeveer gelijk verdeeld tussen de AKP en de HDP, maar over heel Turkije gezien is het duidelijk dat de AKP de verkiezingen gaat winnen.

“Ik leef met mijn hart, maar velen hebben geen hart”, zei hij ook nog. “Zo bijvoorbeeld Europa: dat meet met twee maten en gewichten - behalve België”, voegde hij er snel aan toe. “Erdoğan daarentegen, die heeft hulp gestuurd naar Afrika, naar de Palestijnen, etcetera. De AKP is half-en-half goed en slecht voor Turkije, maar Erdoğan is de enige echt goede politicus. Áls ik ga stemmen, dan zal het op hem zijn”, besloot de man.

Zo zie je maar dat je als Koerdische partij de Koerdische stemmen niet noodzakelijk zomaar voor het oprapen hebt. Ook wat deze man vertelde kan allicht voor een stuk verklaren waarom de AKP zo goed scoort in de Koerdische provincies van Turkije.

_________________________________________________________________________
(*) Ik heb een dagje zonder internet gezeten, dus dit stuk verschijnt iets later dan gepland.