about
Toon menu

Samenleven in onzekerheid, en co-creatie.

maandag 16 november 2015
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Of: Help? Hoe omgaan met al die vreemden? Moet dat écht?

Een samenleving wordt niet gevormd in het hoofd van een religieus leider, een partijvoorzitter of een president. Een samenleving wordt niet gevormd volgens een recept of een handleiding. Een samenleving wordt niet gevormd naar teksten uit oude boeken, of nieuwe boeken, websites, folders of pamfletten. Een samenleving krijgt zijn vorm niet in iemands hoofd. Een samenleving krijgt zijn vorm tussen de neuzen van de deelnemers aan die samenleving, in de gemeenschappelijke ruimte tussenin. Ik heb hiervoor al de term co-creatie gehoord: klinkt OK voor mij.

Dat wil zeggen dat hoe we samenleven niet ineens voor eeuwig en altijd vastgelegd, maar telkens opnieuw overlegd en onderhandeld wordt. Want de omgevingsfactoren veranderen, en de deelnemers veranderen. Dan stellen sommigen al snel de vraag: “ja maar, onze westerse waarden worden bedreigd door .... (bv. islamitische immigranten) – en die waarden moeten we veiligstellen, ..... “

 Misschien, maar ik denk het niet. Een proces van co-creatie is niet leeg en waardenvrij. Het is niet omdat de uitkomst niet op elk punt mooi vooraf kan uitgetekend worden, dat er geen waarden aan ten grondslag liggen. Waarden als respect voor de persoonlijke integriteit, vrijheid, o.m. van meningsuiting, en vrijheid om zich te verplaatsen, persoonlijke verantwoordelijkheid, respecteren en honoreren van in overleg genomen besluiten en afgesproken regels,... zijn essentieel om een proces van co-creatie, dwz. samen je samenleving maken, mogelijk te maken. Iemand die zweert bij een autoritair en hiërarchisch samenlevingsmodel, begint niet aan co-creatie.

 Waarover gaat dan een co-creatieve dialoog? Het gaat over de open ruimte, de in essentie vrije ruimte, de gemeenschappelijke ruimte, die dus niet de toegeëigende privé-ruimte is. Die bezet je en organiseer je namelijk zoals je wil. Maar zodra je met een organisatie van de ruimte te maken hebt die anderen impliceert, heb je een “gesprek” nodig. De gemeenschappelijk ruimte is veel groter dan de meesten denken, maar dat is een andere kwestie – laat ik hier verder buiten beschouwing.

 Belangrijk is dat in de vrije ruimte iedereen beschouwd wordt als een vrij en mondig deelnemer: elke inbreng wordt verwelkomd, gerespecteerd, ernstig genomen, verrekend in het proces en de resultaten, en gewaardeerd. Er is dus niemand uitgesloten. Wie deelneemt aan de gemeenschappelijke ruimte, is deelnemer aan het gesprek. Zonder voorafgaande voorwaarden, behalve deze: “deelnemer in de samenleving” zijn. Dat zal voor sommige potentiële deelnemers die “onze” westerse waarden niet delen, misschien moeilijk zijn, maar ook in onze Westerse samenleving zijn er voldoende voorbeelden te vinden, in het recente verleden én nu, van “niet ernstig nemen” van inbreng van sommige groepen (bv. jongeren, of slaven, of vrouwen, of ouderen, of armen, of arbeiders, of alleenstaanden,....)

 Is co-creatie een wonder-recept? Natuurlijk niet. Samenleven met tal van verschillende mensen met verschillende motieven, culturen, voorgeschiedenissen en wensen kan alleen maar moeilijk zijn. Maar je maakt het nog veel moeilijker door vooraf drempels voor het gesprek in te stellen, of voorwaarden voor deelname op te leggen.

 Als je niet ieders inbreng aanvaardt, die bemoeilijkt of zelfs onmogelijk maakt, kom je in een soort van dictatuur terecht, of in een samenleving met krottenwijken aan de rand, van hen die niet meetellen. Als je bepaalde groepen niet wil laten meepraten wanneer ze er zijn, maar hen dwingt zich in te passen in een model dat “vroeger” al vastgelegd is, en hun inbreng uitstelt tot een ongedefinieerd “later” – of erop rekent dat ze opkrassen - komt er boel van. Dat geldt ook als je hen aan hun lot overlaat, of hun hun zaakjes zelf laat beredderen. Dan krijg je mini-samenlevinkjes, allemaal los naast mekaar. Want dan ontwikkelen ze hun eigen ruimte, waar alleen degenen die die mee geco-creëerd hebben, invloed op hebben (zoals bv. gesegregeerde wijken in grootsteden). We leven nu in een maatschappij waar veel te veel schijnbaar publieke ruimtes bezet zijn door deelsamenlevingen, met een beperkt aantal deelnemers, die toch wel de ruimte “inkleuren” voor anderen, zonder die te laten meepraten. Ik heb het nu niet speciaal over de vluchtelingen uit het Midden-Oosten, maar ook over de migratie van “gastarbeiders” van vorige eeuw, de wereld van de bankiers, of over de Europese instellingen vs. de Grieken, of over de Brusselse randgemeenten,....

Ik zal het nu eens omgekeerd stellen en een beetje overdrijven: regels die ik niet heb kunnen/mogen mee bespreken, tellen voor mij niet. Ook al golden ze vooraleer ik aangekomen ben. Als de situatie betekenisvol – dwz. niet miniem, nauwelijks waarneembaar, maar voor iedereen merkbaar – veranderd is, is er nieuw overleg nodig. Een situatie /gemeenschap die nooit verandert bestaat niet meer. Al vindt niemand dat vanzelf fijn.

Het is natuurlijk ook mogelijk dat je niet wil samenleven. In dat geval vervalt al het voorgaande

HH

16-11-2015.