about
Toon menu

Guatemalteekse uitwijkelingen krikken de economie op

President Jimmy Morales van Guatemala haalde onlangs nog maar eens de krantenkoppen bij de ontdekking van een nieuw corruptieschandaal. Dit keer vanwege de 'militaire bonus.' Zonder reden nog verdienste streek hij maandelijks 50.000 quetzales (zowat 6.250 euro's) op. Het Hoog Gerechtshof zette hem uit de wind en ging niet in op het ontnemen van zijn onschendbaarheid. Hij was immers bereid om alles terug te betalen. En die beslissing bleek voldoende te zijn.
vrijdag 13 oktober 2017
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

De president is met een maandelijks loon van 19.300 dollar een van de best betaalde presidenten van Latijns-Amerika. En dit in een van de armste landen van het continent.

De economie doet het niet slecht

Elk jaar ontvluchten zowat 40.000 inwoners het land. De voornaamste reden is: ontsnappen aan de spiraal van geweld en armoede. Hun inspanningen om zover te geraken zijn soms levengevaarlijk. Hun bedoeling is niet enkel een job en een minimale sociale zekerheid in het noorden te vinden. Maar ook geld te sturen naar de achtergebleven familie. Die fondsen zijn indrukwekkend. Op de eerste plaats helpen ze de familie vooruit, maar tevens de economie van Guatemala. Vandaag zijn de gezamenlijke fondsen van meer dan 2 miljoen Guatemalteken in de Verenigde Staten goed voor 15 procent van het bruto nationaal product. Die inkomsten staan gelijk aan 65 procent van wat de export oplevert. Dit berekende Crismar Lugano van het Latijns-Amerikaans Strategisch Centrum voor Geopolitiek (CELAG). De Bank van Guatemala meldde dat de inkomsten, opgestuurd gedurende de maand juni, goed waren voor 723 miljoen dollar.

Verschillende keerzijden

De families die de gelden ontvangen zijn meestal arm. Volgens de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM) zijn de fondsen juist genoeg om te voorzien in de basisvoeding van de gezinnen. Het grootste gedeelte wordt uiteindelijk geconcentreerd door de banken, de invoerders van niet essentiële producten en de bouw. Bovendien zorgen de meer dan 2 miljoen Guatemalteken vanuit het buitenland voor goede cijfers van de nationale economie. Daardoor voeren ze eigenlijk de taken uit van de regering die de elementaire noden van de bevolking niet aanpakt en er bovendien niet in slaagt het drama van de massale exodus het hoofd te bieden.

Goochelen met cijfers

De Nationale Enquête voor Werkgelegenheid en Inkomsten (ENEI) berekende dat in 2016 de werkloosheidscijfers 3,1 procent haalden. Verrassende resultaten! Maar, bij nader toezien bleek dat haast 70 procent van de werkende bevolking rondtoert in de informele sector. Volgens ENEI was in 2016 haast 60 procent van de actieve bevolking aan de slag. Er wordt echter niet bij gezegd dat bijvoorbeeld een kereltje van 15 jaar oud gedurende een week, al was het maar een uur, aan de slag was, meegeteld wordt.

Het innen van belastingen, een oud zeer

Na de ondertekening van de vredesakkoorden eind 1996 droeg de Europese Unie bij tot het financieren van het op punt stellen van het kadaster van de grond en het belastingsysteem. Jarenlang werden de financieel begoeden met de vinger gewezen. Zij weigerden stelselmatig belastingen te betalen. Op hun beurt verdedigden zij zich door te stellen dat het geld toch maar door corruptie verkwanseld wordt. Wat niet eens zo'n gek idee is. Het gevolg liet zich raden. Ondanks de duw in de rug van de Europese Unie gebeurde er nagenoeg niets. Volgens berekeningen van de Economische Commissie voor Latijns-Amerika en de Caraïben van de VN (CEPAL) int Guatemala gedurende de twee laatste decennia 13 procent ten overstaan van het bruto nationaal product. Daardoor bengelt het land als laatste van de rij in de regio. De gemiddelde belastinginning in de regio in 2015 haalde nog 22, 8 procent.

Armoede troef

Volgens de Wereldbank en het Nationaal Instituut voor Statistieken is 59,3 procent van de bevolking arm. Acht op de tien kinderen lijden aan chronische ondervoeding. De gesel van de armoede treft vooral de inheemse bevolking. Het spreekt vanzelf dat de al bij al positieve cijfers van de economische groei dringend moeten resulteren in een rechtvaardige verdeling onder alle sectoren van de maatschappij.