about
Toon menu

Solidair met Tibetaanse slachtoffers aardbeving

maandag 19 april 2010
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Maandag was het aantal getelde doden ten gevolge van de aardbeving in de Chinese provincie Qinghai bijna 2.000 doden. Er worden nog altijd mensen gered. Speciale aandacht gaat naar de scholen en naar het feit dat vooral Tibetanen in Qinghai getroffen zijn door de ramp. De heropbouw en het bouwen aan een nieuwe toekomst zijn al begonnen.

Naast de 2039 doden zijn er 216 vermisten en 12.088 gewonden, waarvan 1.394 ernstig. 
In de scholen zijn er 66 kinderen en 10 leraren omgekomen, maar dat aantal kan nog stijgen want er zijn nog vermisten.

Maandag werden een vierjarig meisje en een man van 68 vanonder het puin gehaald. Ze hadden vijf dagen vastgezeten onder een bed in een ingestorte lemen woning. Verwanten hadden hen in leven gehouden door eten en drinken te sturen via holle bamboepalen die ze door de gaten in het puin hadden gestoken. Later op de dag werd er nog een bejaarde vrouw gered.


De nationale zender CCTV meldde dat de geredden dringend verzorging nodig hadden.

Er zijn sinds de grote aardbeving met kracht 7,1 nog 1.206 naschokken geregistreerd, volgens de China Earthquake Administration. Een naschok was van een kracht tussen 6 en 6,9.

Veel mensen  werden bedolven onder het puin van hun huizen. Anderen zijn gewond en worden behandeld in ziekenhuizen. Ook in tenten worden gewonden verzorgd. 
De wegen naar de kleine luchthaven (die nog maar één jaar open is) waren beschadigd, wat de reddingswerken in het begin heeft vertraagd. 

In het epicentrum Jiegu zijn 15.000 of  85 % van de huizen ingestort. Prioritair bij de redding zijn de scholen. Het kanton Yushu waar de aarbeving gebeurde telt talrijke scholen met internaten.

De regering heeft 200 miljoen yuan vrijgemaakt voor noodhulp. Vicepremier Hui Liangyu leidt de reddingsoperaties volgens een inderhaast opgesteld stappenplan. 

In totaal zijn er 5000 reddingswerkers ter plaatse gestuurd.
Er werden al 41.000 tenten naar het gebied gestuurd, 166.000 stevige katoenen kledingstukken, 188.000 dekens, 20.000 kampbedden en 100.000 bereide maaltijden. Volgens de vice-minister van transport waren vrijdag alle wegen hersteld. Sinds zaterdag is er ook weer elektriciteit.

Elk getroffen gezin zal 5000 yuan ontvangen van de regering die ook elke getroffene gedurende drie maanden een dagelijkse toelage zal verstrekken van 10 yuan en 0,5 kg voeding.

Reporters van buiten de provincie zouden om veiligheidsredenen worden geweerd, maar dit blijkt louter theorie. Een woordvoerder van de regering heeft benadrukt dat er op geen enkel moment cijfers of gegevens over de ramp achtergehouden zijn. 'Dat was en is niet mogelijk en ook niet nodig', zei hij. 


Het reddingswerk, de geneeskundige verzorging en de opvang van de daklozen worden bemoeilijkt door het koude (min drie Celsius), het winderige weer en het zuurstoftekort op de grote hoogte.  
Vijfhonderd Tibetaanse tolken uit instituten voor taal- en cultuur van de minderheidsgroepen staan de hulpverleners - die meestal geen Tibetaans spreken- bij met vertalen. Sommige van die tolken komen uit Qinghai zelf, maar anderen werken in soms verafgelegen provincies.

Politieagenten en leger hebben al 1200 levenden uit het puin gehaald en 8700 gewonden eerste hulp gebracht. 14 medische teams met een staff van 1583 personen zijn ter plaatse. Ze behandelden 4.910 gewonden, waarvan 4200 het ziekenhuis konden verlaten.

Regeringsleiders of staatshoofden hebben hun medeleven betuigd met de slachtoffers van de ramp.

Na premier Wen eerder deze week, bezocht president Hu gisteren het rampgebied, zo snel mogelijk nadat hij terug was van zijn (omwille van de ramp) bekorte Amerikaanse rondreis.

Op een schoolbord in een noodschooltje schreef Hu met een krijtje ‘Er komen nieuwe huizen; er komen nieuwe scholen.’ 
Hij ging praten met gewonden en verzekerde dat de partij en de regering met iedereen meevoelden en zouden zorgen voor een uitstekende medische verzorging, voor huisvesting en voor nieuwe en stevige schoolgebouwen.

In de lagere school nr3 van Yushi No 3 wordt er alweer aan honderden scholieren les gegeven, zij het in tenten. De kinderen dragen het witblauwe uniform dat ze aanhadden toen hun klaslokalen instortten.


Het bezoek van Hu Jintao heeft twee bijkomende gunstige effecten. De leden van de Tibetaanse bevolkingsgroep zien met eigen ogen dat Beijing hen niet in de steek laat. Allen die met de wederopbouw bezig zijn zetten hun beste beentje voor om nu al extra goede resultaten te laten zien.

Van overal in China worden giften overgemaakt voor Yushu: het Rode Kruis ontving al 12 miljoen yuan. Officiële instanties schonken 225 miljoen yuan.  De 11° Panchen Lama heeft 100.000 yuan bijgedragen en vroeg aan de monniken van het Tashilhunpo-klooster te Xigaze sutras te zingen voor de doden van de ramp.

Zaterdag werden honderden slachtoffers gecremeerd en was er een  boeddhistische dienst met 1000 monniken die sutras reciteerden. Beijing heeft het over 1000 crematies, een boeddhistische kloosterleider over 2000.


De massacrematie ging in tegen de traditionele begrafenistraditei waarbij het lichaam aan de gieren wordt overgelaten. Gevreesd werd voor een epidemie en ook dat de vogels een gevaar zouden betekenen voor de vliegtuigen. De dalai lama betoont vanuit India zijn medeleven en heeft gevraagd om Qinghai te mogen bezoeken. Hij is afkomstig uit de provincie, zij het van een plek op 800 km van waar de ramp gebeurd is.


De Chinese overheid zal zijn verzoek waarschijnlijk negeren omdat de dalai lama zijn religieuze functie nog steeds combineert met een politieke (leider van een regering in ballingschap).

Jia Qinglin, de voorzitter van de nationale raadgevende conferentie (de NCPPCC of senaat)  heeft aan de afdelingen die gespecialiseerd zijn in etnische en religieuze zaken gevraagd om naar het rampgebied te trekken. Zij moeten uitzoeken welke culturele en religieuze aspecten en gevoeligheden moeten worden in acht genomen. Zo moet bijvoorbeeld hulp geboden worden aan monniken die dodenrituelen uitvoeren. Deze monniken moeten overtuigd worden van de noodzaak om zichzelf ook goed te beschermen tegen de koude en de gevaren door naschokken.   


Jia had ook een boodschap voor de Chinese ambassades overal ter wereld: ‘als er Tibetanen in het buitenland zijn die geld willen geven of die naar de rampgebieden willen gaan voor begrafenissen of crematies, verwelkom en help ze!' Die oproep geldt wellicht niet ten aanzien van de dalai lama, een wel heel bijzondere 'Tibetaan in het buitenland.’
 
Achtergrond
Het getroffen gebied is het Tibetaanse kanton Yushu in de gelijknamige prefectuur van de provincie Qinghai. 
Het epicentrum van de beving lag op 30 km van de gemeente Jiegu (Gyegu in het Tibetaans) waar de zetel is van de Yushuprefectuur. Deze ligt wel 800 km ten zuiden van de provinciehoofdstad Xining. Het hoofdkwartier van de reddingsoperaties bevindt zich ook in Jiegu. 
Yushu ligt op 4000 meter hoogte: de prefectuur is 260.000  km ² groot en heeft 252.000 inwoners, waarvan 21.000 boeren en herders. Het kanton telt 77.854 inwoners op 13.000 km². De bevolking is voor meer dan 95 % Tibetaans. Vorige jaren kende het gebied reeds lichtere aardbevingen. 
Zie ook http://www.xinhuanet.com/english2010/ 
en http://english.cctv.com/01/index.shtml