about
Toon menu

Als je bekend bent kom je terecht in een zeer luxueus ingerichte psychiatrische inrichting.

woensdag 11 juli 2018
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Bryan Ferry verklaarde recent in een interview dat hij zich beter voelt tussen de rijken om de eenvoudige reden dat die mensen hem niet lastig vallen. Ik kan mij daar iets bij voorstellen. We hebben bij Amy Winehouse gezien hoe nefast plots succes kan zijn en hoe we hierdoor een massa talentvolle performance nooit zullen te horen krijgen. Wat een gemis vind ik dat.


Een te eenvoudige vaststelling zou kunnen zijn dat adoratie zich alleen voordoet bij dezen die niet rijk en/of beroemd zijn. Ik heb het nooit goed begrepen trouwens. Ok, gillende tieners voor het podium van de Beatles dat zijn de hormonen. De happy married mothers, 50 jaar geleden in Las Vegas, Elvis die alles schudde wat er te schudden viel, mja… ook dat waren de hormonen. De wat oudere melfjes (mothers Elvis liked to fuck) aan het hek van Graceland? Dat snap ik al wat minder. Elvis is dood, laat hem! Nu zijn er ook wel enkele mensen op deze aardkloot die ik bewonder. Nelson Mandela voor zijn onverzettelijke verzet tegen blanke overheersing. Martin Luther King voor zijn droom,  die zo moeilijk te verwezenlijken valt, waarom in godsnaam? Of Fidel Castro, die tegen de wind in en met een wereldwijd handelsembargo in de nek de waardigheid van zijn land en volk bleef verdedigen. Ik heb het onder die omstandigheden nog niemand anders zien doen.

 Merkwaardig genoeg zijn er sinds de jaren 80 een heleboel mensen bijgekomen op de walk of fame. We hebben Bill Gates en Steve Jobs die de tools ontwikkelden voor wat vandaag het internet heet. Tools waarvan we nog niet zeker zijn of ze ten goede of ten kwade onze samenleving zullen beïnvloeden maar laat ons maar optimistisch blijven. Wat wel vaststaat is dat het te snel gaat. Niet de volledige samenleving is mee waardoor we ook in deze weer maar eens een verdeelde wereld kennen.

Rijk, beroemd én ziek

Adoratie dus, het is blijkbaar van alle tijden maar in de jaren 80 gebeurde er iets merkwaardigs. Margaret Thatcher en Ronald Reagan, een kruideniersdochter en een acteur kregen het voor mekaar om het wereldforum te beheersen. Niet dat ze hier enige ervaring in hadden maar wereldpolitiek is toch ongeveer hetzelfde als in de soep roeren of doen alsof. Plotseling ging de elite, dezen die wel rijk waren maar daarom niet meer intelligent zichzelf adoreren. Als het volk het niet doet doen we het zelf maar moeten ze gedacht hebben. Onder mekaar deelden ze kroontjes en eretitels uit en dat doen ze tot vandaag nog steeds.

Captain of Industry

De meest bijgebleven titel is deze van ‘Captain of Industry’. Captain of Industry wordt je als je de winst van een bedrijf kan maximalieren en de kost kan minimaliseren. De output is wat de aandeelhouder eraan overhoud. De aandeelhouder is dus in deze commerciële toepassing de enige mens waar wordt rekening mee gehouden. De mensen uit de productie die horen bij de kost en die moet je dus drukken. Geen wonder dat weinigen de hormonen laten spelen bij dit soort beroemdheden.

De rode duivels

Ook in het voetbal vinden we dezelfde gekte terug. Dezer dagen loopt het land weer vol van rode duivels en besnorde Obelixen. Voor het scherm zitten duizenden Belgen ‘onze jongens’ aan te moedigen. Juichend alsof zij de miljoenen na de match gaan opstrijken. Nog nooit zoveel mensen zien juichen trouwens voor mensen die waarschijnlijk geen sikkepit afdragen aan onze samenleving. Wat hun technische prestaties betreft niets dan lof uiteraard. Een overwinning van het collectief zei iemand na de winst tegen Brazillië. Iets om over na te denken.

David Bowie

David Bowie, nog zo iemand waar mensen naar opkeken. Recent draaide Canvas de docu ‘The last five years’ waarin zoals de titel laat vermoeden de laatste vijf jaar van zijn leven worden belicht. David Bowie is gerijpt dan als mens maar niet aan het einde van zijn kunnen. Een man die zichzelf altijd maar weer opnieuw wil uitvinden. En het is uit die rijpe levenservaring dat volgende woorden hun weg zoeken:


‘ Als je beroemd bent kom je terecht in een zeer luxueuze psychiatrische instelling’


Het is in deze woorden van een insider dat ik alles terugvind wat gezegd moet worden over mensen die rijk, beroemd of machtig zijn. Het lijkt erop alsof hij de enige is die beseft dat het waanzin is. En meer nog, dat niemand het durft te benoemen.