about
Toon menu

Het IPA: geven en nemen in tijden van crisis

zaterdag 17 april 2010
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

BEWEGING 105 - Februari 2009

Jef Mariën
De auteur schreef deze bedenkingen op vraag van het digitale tijdschrift KenteringenDigit


Op 18 december 2008 keurde de vakbondsachterban het ontwerp van Interprofessioneel Akkoord (IPA) 2009-2010 goed. De percentages waarmee dat gebeurde (ACV 82%, ABVV 69% en ACLVB 89%) geven wel een te rooskleurig beeld van het ‘enthousiasme’ waarmee die goedkeuring gepaard ging. Zelfs ACV-voorzitter Luc Cortebeeck wist na de ACV-Raad te vertellen dat “dit een akkoord voor crisistijden is. In andere tijden zou het antwoord op de tekst ‘neen’ geweest zijn”. Een andere ACV-insider had het over “een slecht akkoord, maar een noodzakelijk akkoord”. Zo’n uitspraak zal je natuurlijk nooit luidop in het openbaar horen, maar geeft waarschijnlijk goed weer met welke houding de meeste militanten dit akkoord hebben goedgekeurd.

Een slecht akkoord!

Sinds 1996 wordt in het IPA een loonnorm vastgelegd die indicatief is. Dwz dat hij richtinggevend maar niet bindend definitief is voor de loonsonderhandelingen in de sectoren die na een IPA volgen. Dit keer werd zelfs geen loonnorm vastgelegd mede omwille van de onzekerheid over de inflatie in de komende twee jaar. Maar wat met een indicatieve loonnorm in de voorbije jaren niet kon wordt nu zonder loonnorm wel opgelegd. De verhoging van het loon mag max 250 euro bedragen, waarvan max 125 euro in 2009.  Het bedrag op zich is al niet veel, maar bovendien gaat het om een maximumbedrag en is dit bedrag netto toe te kennen. Een maximumbedrag wil zeggen dat dit bedrag niet verworven is maar nog moet onderhandeld worden en dat de werkgevers er alles aan zullen doen om onder dit maximumbedrag te blijven. Inspelend op de eerste golf van ontslagen en massale tijdelijke werkloosheid, verwoordde hoofdredacteur Guido Muelenaer in Trends (15 januari 2009) waarschijnlijk goed hoe de meeste werkgevers er over denken: “Het zou een daad van solidariteit met bedreigde werknemers zijn om die loonsverhoging op nul euro te houden.” Welke solidariteitsgeste de werkgevers zullen doen tegenover “de bedreigde werknemers” (a propos, wie bedreigt hen waarmee?) kunnen we hier niet vernemen. Eens te meer moet de solidariteit van één en steeds dezelfde kant komen.
Dat maximumbedrag is ook netto toe kennen. Dwz geen verhoging van het brutoloon om dan netto 250 euro over te houden. Dit maakt slechts ogenschijnlijk geen verschil voor de werknemers. Bij een normale loonsverhoging zou een brutoloon gemiddeld met 700 euro moeten toenemen om 250 euro netto over te houden. Van die 700 bruto loonsverhoging zou ongeveer 450 euro naar de overheid (belastingen) en de sociale Zekerheid (bijdragen ) gaan. Dat nu enkel het nettoloon wordt verhoogd betekent dat er niets naar de overheid en de SZ gaat, wat in het nadeel is van wie moet leven van sociale uitkeringen. Maar ook voor de actieven betekent een nettoverhoging buiten het loon, zoals nu in het IPA voorzien is, een nadeel. Vermits dit maximale nettobedrag niet in het (bruto)loon zit, telt het ook niet mee voor de berekening van vakantiegeld, eindejaarspremie, werkloosheidsuitkering, pensioenberekening, enz. En het is nog maar zeer de vraag wat er met dit nettobedrag gaat gebeuren na 2010. Moet dit opnieuw onderhandeld worden? Wordt het dan opgenomen in het (bruto)loon en geldt dit dan als een eerste, of zelfs het volledige resultaat van die nieuwe onderhandelingen?
Vooral het feit dat men er niet in geslaagd is om naast dit nettovoordeel de (bruto) minimumlonen te verhogen is een halve nederlaag voor de vakbond(sonderhandelaars). Want moet een IPA niet juist dienen om op de eerste plaats de zwakke en arme werknemers te ondersteunen?

Een ‘noodzakelijk’ akkoord?

Onder druk van de werkgevers en de regering werd de goedkeuring van het IPA verbonden met het reeds bestaande akkoord over de welvaartsaanpassing van de sociale uitkeringen en de voorstellen in het relanceplan voor een verhoging van de werkloosheidsuitkeringen voor volledige en tijdelijke werklozen. De schrik bestond dat bij niet goedkeuring van het IPA deze ‘noodzakelijke’ verbeteringen voor iedereen die van een sociale uitkering moet leven, op de helling zouden komen te staan. En vermits solidariteit voor de actieve werknemers met de sociale uitkeringsgerechtigden geen ijdel woord is, was dit onaanvaardbaar. En dus werd het IPA goedgekeurd. Maar deze ‘noodzakelijke’ verbeteringen van de sociale uitkeringen betekenen een serieuze meeruitgave voor de sociale zekerheid (SZ). En juist door de netto loonsverhoging  zullen er heel wat minder bijkomende inkomsten naar de SZ vloeien.  Vroeg of laat zullen het weer de actieve werknemers zijn die ook hier het gelag zullen betalen, terwijl de werkgevers weer buiten schot blijven.

Werk’gevers’ winnen

Vroeger bestond de kern van een IPA in een recuperatie van een stuk van de ondernemingswinsten voor de werknemers. Het waren dan ook de werkgevers die het grootste deel van de kostprijs van een IPA betaalden. Sinds een 15-tal jaren is hierin steeds meer verandering gekomen en wordt het grootste deel van het IPA betaald door de overheid via fiscale en parafiscale (SZ) tegemoetkomingen. Vermits het geld voor deze tegemoetkomingen voor het grootste deel afkomstig is uit personenbelastingen en SZ-bijdragen, betekent dit dat het de werknemers zelf zijn die voor een groot deel de kostprijs van het IPA betalen en niet langer de werkgevers. Het was bij dit akkoord niet anders.
Tegenover de 660 miljoen euro die de netto inkomensverhoging in 2009-2010 zal kosten aan de werkgevers staat een belastingsverlaging van ongeveer een zelfde bedrag voor de bedrijven via het optrekken van het percentage aan bedrijfsvoorheffing op de lonen dat niet moet doorgestort worden aan de fiscus. Daar bovenop komt nog een verhoging van de fiscale korting op overuren en ploegen- en nachtarbeid die in 2010 op kruissnelheid 428 miljoen euro zal bedragen. In totaal een minderuitgave aan belastingen voor de ondernemers van 1,1 miljard euro. Wat tegelijkertijd eenzelfde bedrag aan minder inkomsten betekent voor de overheid. In het relanceplan komt daar over twee jaren gespreid nog eens 1,3 miljard aan besparingen bij voor de ondernemers. Allemaal betaald door de overheid, zeg maar door alle belastingbetalers.

Het klopt dat zeker in tijden van crisis, economie en koopkracht een kwestie is van geven en nemen. Maar dat geven en nemen geldt dan wel voor alle betrokkenen. Met dit IPA is de limiet overschreden van het precaire evenwicht tussen zij die steeds moeten geven, de werknemers en de sociale uitkeringstrekkers, en zij die steeds meer nemen, de ondernemingen en hun aandeelhouders. Wij kunnen alleen maar hopen dat de vakbonden in de sectorale onderhandelingen een stuk van het steeds groeiende onevenwicht proberen recht te trekken. Zij kunnen daarvoor zeker rekenen op de steun van hun achterban.