about
Toon menu

MOEDER VERLAAT SLACHTOFFER VAN DE HAAN VOOR HET LEVEN

maandag 5 juni 2017
Deze blog werd geschreven door een van onze lezers. Wil je zelf ook beginnen bloggen in onze community, ga dan meteen aan de slag.

Hij moet geboren zijn ergens in het jaar 1928. Naam: Circis (George). Zijn moeder geeft hem de koosnaam Bahe. Compleet heet hij Circis Bahe Kaplan. Hij is geboren in het Assyrische dorp Benibel (Zuidoost-Turkije) en daarom is hij bekend onder de naam Bahe Binibiloyo (=Bahe uit BiNibil).

Ondanks de slechte economische situatie van het gezin wordt Bahe de eerste jaren door de moeder met liefde opgevoed. Zijn zussen helpen de moeder ook met de opvoeding van Bahe. Net als alle bewoners van het dorp slaapt moeder samen met haar baby buiten in de openlucht. De moeder valt snel in slaap. Het kan ook niet anders, want de vallende sterren in de Mesopotamische heelal werken als een slaappil op de menselijke geest. Maar ‘elk voordeel heb een nadeel’.

Haan valt aan

En dan….valt een haan in de nacht de kleine Bahe aan. De hongerige haan zorgt voor ernstige schade toe bij de kleine baby Bahe. Moeder wordt snel wakker en verjaagt de haan weg. Te laat. De baby blijkt uiteindelijk zeer ernstige verwondingen te hebben gelopen aan zijn ogen en de rest van het gezicht. En in die tijd was er helaas geen Obama Care laat staan een plastische chirurg. De kleine Bahe uit Bi’nibil blijft dan ook zijn hele leven met die verwondingen en gebreken rondlopen. Als hij iets ouder is, blijkt hij ook geestelijk gebreken te hebben. Wellicht zijn deze gebreken ook ontstaan door de vijandige aanval van de haan…? Voor deze stelling is er echter geen bewijs.

Als Bahe zes jaar oud is, overlijdt zijn vader in 1934. De moeder is nu alleen om het hele gezin te verzorgen. De moeder van Bahe brengt hem naar het klooster Dayrul Zafaran en vertelt hem snel terug te komen. Voor vertrek geeft zij haar Bahe van zes jaar oud nog een laatste knuffel en zij herhaalt: ik kom snel terug! Bij de hoofdingang van het klooster kijkt de moeder nog een keer richting haar kind en herhaalt voor de derde keer de woorden: ‘ik kom snel terug’. Bahe heeft ruim 70-jaar op zijn moeder gewacht, maar tevergeefs. De moeder kwam nooit terug om Bahe weer te knuffelen. Hij overlijdt in 2014 in het klooster waar hij door de moeder door armoede achtergelaten is.

De ondergetekende heeft Bahe diverse malen ontmoet.Het is wellicht beter gezegd: een paar keer van dichtbij gezien. Tot een conversatie heeft het dus helaas nooit geleid. Tijdens de vele bezoeken aan Dey rul Zafaran stond Bahe altijd bij de voordeur van het klooster. Altijd de vraag stellend: waarom is hij hier?

Abraham beth Arsan